Scandinavië 2009
Het verhaal van onze reis naar de Noordkaap via:
Duitsland, Denemarken, Zweden, Finland en Noorwegen
van 10 augustus t/m 3 september 2009

Jenny en Herman Brouwer
Foto's gemaakt op de dag voor vertrek:
| dag 1 |
maandag 10 augustus 2009 |
Om kwart voor negen zijn we vertrokken uit
Beverwijk, uitgezwaaid door Maartje, Moreno en onze buren Sjef en Greetje. We
hebben gekozen om via de afsluitdijk en Friesland – Groningen richting Duitsland
te rijden. Gelijk op de afsluitdijk hebben we al onze eerste vakantie ervaring.
Er is een heel bijzondere lucht boven het IJsselmeer. Je ziet nauwelijks de
overgang tussen water en lucht en ook zijn er nog eens heel bijzondere wolken.
Op de eerste de beste parkeerplaats zijn we gestopt om wat foto’s te maken.
We hebben onze eerste stop gepland in Puttgarden.
De tocht via Groningen, Bremen en Hamburg gaat zo voorspoedig, vooral omdat het
heerlijk rustig op de wegen is en ondanks alle wegwerkzaamheden in Duitsland,
zijn we al om vijf uur in Puttgarden. We besluiten gelijk de overtocht naar
Denemarken maar te maken, want er is geen wachttijd voor de pont naar Rødby
Færge van Scandlines.
De overtocht verloopt rustig en snel. Op de boot
eten we wat, er is een goed uitgerust restaurant met heel schappelijke prijzen.
In Denemarken vinden we al snel een camping in Tappernæje en om goed zeven uur
staat de tent. Als het zo doorgaat zijn we morgen al in Stockholm. Omdat we op
de boot al hebben gegeten volstaat een broodje gezond met kaas, tomaat en
komkommer. We gaan de omgeving wandelend wat verkennen. In de verte rommelt het
wat en de lucht wordt donkerder. Als we net terug in de tent zijn barst er een
behoorlijk bui los. Gelukkig duurt het niet zo lang en daarna wordt de lucht ook
weer helder. Nu maar hopen dat morgenochtend de tent weer droog is.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 2 |
dinsdag 11 augustus 2009 |
We zijn al vroeg wakker, douchen, ontbijten en
ons boeltje weer oppakken. We hebben de tent al zo vaak opgezet en afgebroken
dat het een fluitje van een cent is. Ook met het inpakken van de auto hebben we
een systeem ontwikkeld zodat het vlot gaat. Om kwart voor tien zijn we al weer
op weg. Het weer is wat wisselvallig, zon, maar ook zo nu en dan wat spetters.
We hebben nu de boot van Helsingør naar Helsingborg. We hebben gisteren al een
combinatieticket gekocht en ook nu is er gelukkig geen wachttijd .
Het is maar een kleine oversteek, te vergelijken met de boot naar Texel. Het landschap in dit stukje van Zweden is wat meer gevarieerd als we tot nu toe hebben gezien. Ook is het op de wegen weer lekker rustig. In het eerste het beste dorp gaan we naar de bank om Zweedse kronen te pinnen, die zullen we de eerste dagen wel nodig hebben. Daarna tanken, maar er is nergens lpg te krijgen (wel biogas!), dus gaan we over op benzine. We hadden al gelezen dat er is Scandinavië nauwelijks lpg te krijgen is, maar gelukkig heeft onze auto ook een “normale” benzinetank.
We vervolgen onze weg, ook nu schieten we lekker
op. Om half zes rijden we een voorstad van Stockholm binnen. We moeten wel even
zoeken voor we de camping gevonden hebben. Gelukkig hebben we ons goed
voorbereid en de weg op Google Earth bekeken, dus weten we in elk geval waar we
zoeken moeten. Het westelijk voorstadje van Stockholm waar de camping ligt heet
Ängby. Het is een echte stadscamping en het is er behoorlijk heuvelachtig, druk
en vol.
Na enig zoeken vinden we toch een mooie plek om de tent op te zetten. We eten vanavond macaroni met saus die we thuis al hebben gemaakt; we zijn dus zo klaar. Na het eten maken we een wandeling naar het Metrostation het is zo’n tien minuten lopen van de camping, dus een prima uitgangspunt om Stockholm te bezoeken. Als we weer bij de tent zijn, gaan we nog wat schrijven, lezen en sms'jes versturen. We drinken een wijntje en kruipen op tijd onder ons dekbedje.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 3 |
woensdag 12 augustus 2009 |
De buren op de camping zijn nogal luidruchtig,
maar we zijn toch afgelopen nacht snel in slaap gevallen en hebben allebei goed
doorgeslapen. Wel zijn we behoorlijk vroeg wakker. Jenny koopt eieren in de
campingwinkel en we beginnen de dag goed met een Engels ontbijt (jus, eieren met
bacon en tomaten op ons brood). Om 10 uur lopen we richting metro. We mogen geen
kaartje bij de juffrouw aan het loket kopen, omdat ze pauze heeft. Als er
controle komt moeten we maar zeggen waar we opgestapt zijn en om hoe laat, dan
komt alles goed, staat er op een bordje dat ze ons laat zien! Een voor ons
vreemde gewoonte en ondenkbaar in Nederland. De metro ziet er mooi uit. Nieuwe
voertuigen met stoffen bekleding en er is ruimte genoeg om te zitten.
We rijden richting Centralen, waar we zo zijn,
vandaar lopen we naar het Stadhus. Een mooi gebouw, waarin ook de uitreikingen
van de Nobelprijzen plaatsvindt. Het is redelijk weer, wisselend bewolkt, maar
wel veel zon, dus schitterende luchten voor de foto’s. Als we daar alles zo’n
beetje bekeken hebben wandelen we richting oude stad.
Stockholm wordt voor het eerst in geschriften genoemd in 1252. De naam komt van de samenstelling stock (blok hout) en holm (eilandje). Er wordt wel gezegd dat de stad is gesticht door Birger Jarl, om Zweden te beschermen tegen aanvallen van buitenlandse vloten.
De strategische ligging (toegang tot het Mälarmeer) zorgde ervoor dat Stockholm de belangrijkste stad van het land werd, vooral in de onafhankelijkheidsstrijd tegen Denemarken. In 1600 had de stad 10.000 inwoners en tachtig jaar daarna, in 1680, had de stad al 60.000 inwoners. Pas in 1634 werd de stad de officiële hoofdstad van het Zweedse Rijk. Tussen 1713 en 1714 heerste de Zwarte Dood (de pest) in de stad, die vele doden veroorzaakte. De bevolkingsgroei, evenals de economische groei, stagneerden.
In de tweede helft van de 19e eeuw kwam de industrie op en heroverde Stockholm zijn plaats als belangrijkste stad van het land. In de 20e eeuw stond de stad in de hele wereld bekend als centrum van de architectuur en moderniteit. De stad bloeide en werd in verschillende richtingen uitgebouwd, als deel van het Miljoenenproject. Voorbeelden hiervan zijn Rinkeby, Sollentuna en Tensta, met een hoog aandeel immigranten. Nog steeds is Stockholm één van de snelst groeiende hoofdsteden van Europa.
In Gamla Stan (de oude stad) kijken we wat rond,
zien de wisseling van de wacht voor het koninklijk paleis, met veel paarden en
muziek en bezoeken de Finse en Duitse kerk.
In Stockholm is deze week een cultuurfestival en er zijn allerlei standjes en podia door de hele stad. Het is een beetje te vergelijken met de uitmarkt in Amsterdam. Er zijn mooie en vreemde exposities en voorstellingen, vooral in en rond het Cultuurhuis, we vermaken ons dus uitstekend.
Tegen zeven uur gaan we richting camping. We
laten de 72-uurs vervoerspas, die we vanmorgen op Centralen hebben gekocht
afstempelen (op advies van de verkoper), die nu dus pas ingaat. Ook de terugweg
naar de camping gaat snel, het is een prima verbinding. Op weg van de metro naar
de camping hebben we een flinke regenbui en is ons pad bezaaid met kleine
kikkertjes. De regenjassen die we meegenomen hebben komen dus goed van pas. Om
acht uur zitten we aan het eten, met veel rauwkost voor de vitamientjes. Het is
inmiddels gelukkig weer droog. We wandelen nog wat rond op en rond de camping en
na de borrel weer op tijd onder de wol.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 4 |
donderdag 13 augustus 2009 |
Deze morgen worden we gewekt door het zonnetje.
We gaan douchen, weer uitgebreid ontbijten, doen de afwas van de afgelopen dagen
en gaan op weg. Met de metro gaan we naar het Karlsplan, dicht bij het
Vasamuseum.
We brengen in dit museum wel 3 uur door. We bekijken een film en de exposities en natuurlijk de, weer opgebouwde Vasa, die voor 95% bewaard is gebleven.
Er wordt veel ophef over gemaakt en het is schitterend om te zien, maar eigenlijk is het ook een triest verhaal; een grote historische flater, door grootheidswaanzin ingegeven.
De Vasa is een geconserveerd oorlogsschip uit de 17e eeuw dat in het eind van de vorige eeuw geborgen is.
Het “nieuwe”, door de Hollandse scheepsbouwer
Henrik Hybertsson gebouwde schip heeft maar een paar honderd meter gevaren,
voordat het zonk. Vandaag de dag kunnen we precies berekenen hoe een schip moet
worden ontworpen om het zeewaardig te laten zijn. In de 17e
eeuw gebruikte men echter verhoudingstabellen die voorschreven hoe een goed
schip moest worden gebouwd. Uit documenten van toen blijkt dat de plannen voor
de Vasa gewijzigd werden toen de bouw van het schip al was begonnen.
De koning wilde een groter aantal boordkanonnen
dan gebruikelijk was. Dit betekende dat de verhoudingen die voor het schip
gekozen waren niet meer klopten, en dat de bouwers de nieuwe afmetingen moesten
uitproberen. Met twee ingebouwde dekken voor kanonnen kreeg de Vasa een te hoge
constructie. Om de stabiliteit van het schip te verzekeren werden er onderin
grote stenen gelegd. Maar het schip was toch topzwaar en de 120 ton ballast was
niet toereikend. Bij het uitvaren van de haven kapseisde het schip en zonk.
We wandelen op het Djurgården eiland waar veel museums zijn en ook een pretpark “Gröna Lund”, het oudste van Zweden. In de buurt van het pretpark gaan we wat eten, het valt ons op dat er weinig specifiek Zweedse restaurants zijn. Zo te merken zijn ze hier gek op hamburgers, pizza’s, shoarma, kebab, hotdogs enzovoort. We doen maar mee en gaan aan de kebab. Met de bus gaan we daarna weer richting centrum.
Vanmorgen ben ik één van de neusvleugeltjes van
mijn bril verloren, dus gaan we eerst op zoek naar een opticien, die zijn er
gelukkig genoeg en de tweede die we bezoeken kan ons helpen.
Op veel plekken zie je in Stockholm kiosk-achtige winkels, die koffie, tijdschriften en broodjes verkopen. Bij de meeste kun je ook internetten. Het is nu wel eens tijd dat we ons web-log gaan bijwerken, dus met een beker lekkere koffie het thuisfront op de hoogte stellen van ons wel (wee hebben we gelukkig nog niet gehad), ook bekijken we even onze mail en moet er nog getelebankierd worden.
Vandaag is het weer ook wisselvallig. Vanmorgen en het begin van de middag lekker zonnig en als we in de bus naar het centrum zitten slaat het zo maar om en begint het te regenen. De bewoners van Stockholm laten het gelaten over zich heen komen. In Nederland zie je allerlei paniek reacties, maar hier loopt iedereen min of meer gewoon door, ze zijn hier blijkbaar slechter weer gewend.
Als we klaar zijn met internetten is ook het weer
opgeklaard. We wandelen nog wat door de stad en kopen vast brood voor morgen,
Voor het cultuurhuis is in het kader van het cultuurfestival een ballet met
vuur, hier blijven we uiteraard een poos kijken. Met de metro gaan we weer terug
naar de camping. Onze luidruchtige buren zijn vertrokken. Wel is er een grote
Nederlandse bus vol Engelse "oudere jongeren" bijgekomen, maar die staan een
behoorlijk eind bij ons vandaan. Omdat we vanmiddag al uitgebreid hebben gegeten
volstaat nu een broodje gezond. Daarna ons min, of meer vaste avond-ritueel:
schrijven, wat lezen en puzzelen, luisteren naar het nieuws uit Nederland via de
Wereldomroep, een borreltje en dan redelijk op tijd onder de wol.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 5 |
vrijdag 14 augustus 2009 |
Afgelopen nacht heeft het lang en veel geregend,
maar vanmorgen is het helder en zonnig. Na het ontbijt gaan we weer naar het
Djurgården eiland, daar is ook het openluchtmuseum Skansen. Dit oudste
openluchtmuseum ter wereld is zeer de moeite waard. Het werd in 1891 gesticht
door de Zweedse leraar Artur Hazelius, die zo zijn stadgenoten wilde laten zien
hoe Zweden in andere delen van het land woonden. Tenslotte was er toen nog geen
televisie en de meeste mensen kwamen nauwelijks buiten hun eigen buurt.
Nu is het een museum waar de oude bouwstijlen van
Zweden mooi bewaard zijn gebleven. De meeste gebouwen stammen uit de 18e of 19e
eeuw. Het centrum van een stadje is nagebouwd, inclusief een kerk, een school en
winkels. Ook zien we er boerderijen, molens en werkplaatsen van ambachtslieden.
Er lopen mensen rond in klederdrachten uit die tijd.
Het park werd aangelegd in een heuvelachtig gebied. Tussen de verschillende onderdelen van het openluchtmuseum liggen mooie tuinen die vrijwel allemaal een thema hebben: een rozentuin, een kruidentuin, een schaduwtuin enz.
Naast de historische gebouwen is er een dierentuin waar de typisch Scandinavische dieren vrij kunnen rondlopen. Hier zien we rendieren, elanden, bruine beren, lynxen, vossen en zeehonden.
Het is heerlijk weer, dus genietend van het
zonnetje bekijken we alles van kwart voor elf tot kwart voor vijf. Het meest
bijzonder is wel een put, midden in het park die vol met fopspenen ligt, sommige
met een afscheidsbriefje erbij. Kinderen nemen daar, tijdens een dagje uit,
voorgoed afscheid van hun fopspeen.
We gaan daarna met de bus richting centrum. Als
we goed en wel zitten breekt er een verschrikkelijke bui los, met windstoten en
behoorlijke hagelstenen. Wel vreemd, gisteren om deze tijd eigenlijk hetzelfde.
We blijven tot het eindpunt, een behoorlijk eind van het centrum, zitten en gaan
dan weer met dezelfde bus
terug. Zo zien we weer een heel ander stuk van de
stad. Als we weer in het centrum zijn is het zo goed als droog. We gaan eten bij
Max, die beweert de beste hamburgers van Zweden te hebben ... en inderdaad, ze
smaken prima. Naast Max is een slijterij en nadat we gegeten hebben moeten we
natuurlijk even checken of de prijzen hier in Scandinavië echt zo hoog zijn. Het
valt ons reuze mee, alles is wel wat duurder dan in Nederland, maar zeker goed
betaalbaar, vooral als je op vakantie bent.
Tegen 7 uur zijn we weer op de camping terug, we ruimen vast het een en ander op, want morgen willen we verder naar het noorden reizen.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 6 |
zaterdag 15 augustus 2009 |
Om half tien gaan we kant en klaar, gewassen en
gestreken op weg richting Finland. Het heeft even wat voeten in de aarde voordat
we Stockholm uit zijn. Door een wegomlegging komen we weer drie keer op
hetzelfde kruispunt uit. We rijden daarna eerst maar een stuk naar het westen,
totdat we een bord met een verwijzing naar de E4 zien. Het is prima weer en de
wegen zijn ook in goede conditie. Rondom Stockholm vinden we het landschap wat
saai, maar na Söderhamn wordt het wat gevarieerder. We zijn van plan om in
Sundsvall te overnachten, maar daar zijn we al om drie uur. Van onze planning
klopt niet veel dit jaar. Ik had ongeveer 500 kilometer per dag gepland, maar
omdat het overal zo rustig is en de wegen zo goed zijn, schiet het beter als
gepland op. Vanaf nu besluiten we onze planning maar te laten varen. We zien in
het vervolg wel waar we overnachten.
We rijden door tot ongeveer half zes en komen aan
bij een camping die vlak aan de E4 ligt bij een mooi meertje. Het plaatsje heet
Husum en ligt ongeveer 18 kilometer ten noorden van Örnsköldsvik. We moeten 80
Kr betalen, inclusief douchen, dat is € 8,00 omgerekend. We hebben een mooi
plekje het verst van de weg af, zodat we rustig kunnen slapen. Onderweg, bij één
van de stops, die we trouw minstens iedere twee uur houden, hebben we al eten
gekocht. We zijn zo klaar met koken: gebakken aardappeltjes met hamblokjes en
sperziebonen. Als het op is halen we een ijsje bij de receptie, die we opeten
tijdens een wandelingetje in de buurt.
Aan de rand van de camping staat een kerkje, ik denk dat die door mensen in de omgeving wordt gebruikt. Het is erg rustig op deze camping, er zijn nog een paar gezinnen in stacaravans en hutten (bij ons heten ze bungalows), maar voor de rest lijkt alles uitgestorven. Als we terug zijn van de wandeling begint het te regenen. Nu maar hopen dat het vannacht weer wat opklaart.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 7 |
zondag 16 augustus 2009 |
Vannacht heeft het veel en hard geregend. Ook bij
het opbreken van de tent regent het nog steeds, helaas. De tent gaat kletsnat de
auto in. De rest van de spullen proberen we zo droog mogelijk over te brengen.
Omdat het ook hard waait lukt dat maar matig. Je merkt dat alles gelijk een heel
stuk moeilijker gaat en daardoor kunnen we pas om half elf op weg. Het eerste
deel van onze route blijft het ook nog regenen. Om een uur of één regent het nog
steeds en we gaan in een restaurant eten. Daarna doen we in een grote supermarkt
nog wat inkopen: bier, cider en brood.
Ook hier geen absurd hoge prijzen; voor
een blikje bier € 0,60 en een fles wijn € 5,00! Langzaam aan wordt het droger en
in Haparanda hebben we onze laatste stop in Zweden, we tanken en onze laatste
Zweedse kronen maken we op aan koffie met chocolade gebak. Om vijf uur passeren
we de grens met Suomi (Finland) en rijden door tot kwart voor zeven. We zijn
vlak bij Rovanimie en in onze gids hadden we al gelezen dat in deze plaats
meerdere campings zouden moeten zijn.

Bij het inchecken op de eerste de beste camping zien we dat het een uur later is, als op onze horloges. Bij het overgaan van de grens, hebben we ook de tijdgrens overschreden het is hier een uur later dan in Zweden (en Nederland). Het duurt even wat langer als gewoonlijk voordat de tent staat, alles is nog kleddernat. De rest van de spullen is alleen wat klam. Het is inmiddels mooi weer geworden en als de tent staat zetten we alles even flink tegen elkaar open. In no-time is alles gelukkig weer droog. Omdat we vanmiddag al uitgebreid warm hebben gegeten zijn we vanavond zo klaar. Het is ook al behoorlijk laat door het tijdsverschil. Dus tijd om ons bed op te zoeken.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 8 |
maandag 17 augustus 2009 |
Ook vannacht heeft het hard en veel geregend, we
hopen dat het de komende tijd niet zo doorgaat! Als het ontbijt op is regent het
nog steeds.
Omdat we toch voor zijn op ons schema besluiten we op deze plek nog maar een dag en nacht te blijven. Met de auto gaan we naar Rovaniemi, de provincie hoofdstad van Fins Lapland. Rovaniemi is ook de thuisbasis van de Kerstman en ligt ongeveer op de poolcirkel. We bekijken uitgebreid een aantal winkels. Veel winkels zijn ondergebracht in overdekte centra. Dat is ook wel begrijpelijk want het is hier 8 maanden winter en er ligt in die maanden meestal een behoorlijk pak sneeuw. De prijzen in de winkels komen aardig overeen met de prijzen in Nederland. Het is hier makkelijk vergelijken, want de munteenheid is hier net als bij ons de euro.
I
n een konditorei drinken we koffie en eten een
gebakje. Bij de lokale VVV kunnen we internetten. Twee aardige meisjes die daar
werken vragen ons gelijk maar een enquête in te vullen. Ik werk ons web-log bij
en we lezen samen de reacties uit Nederland.
Hierna bezoeken we het Santa park. Het is erg
commercieel en een beetje Disney achtig. Ik zie er een mooi en warm jack voor
niet zo veel geld, dus die koop ik. Ook kopen we een paar kerstkaarten voor
Amber, Annemiek en Emma, die we versturen met een Kerstmanpostzegel. Het weer is
inmiddels al weer prima. We eten onderweg naar de camping een grote maaltijd
salade. Op de camping gaan we om de beurt uitgebreid naar de sauna, de eerste
keer in Scandinavië. De konijnen lopen in grote getale om de tent, ze zijn half
tam. Lekker rozig, door het saunabezoek gaan we naar bed. Morgen gaan we verder,
want volgens de krant blijft het de komende dagen droog!
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 9 |
dinsdag 18 augustus 2009 |
Vannacht was het zeer koud. We hadden er
gisterenavond al zo’n vermoeden van dat het zo koud zou worden. Toen we gingen
slapen was het heel helder en hebben we eerst nog even genoten van de mooie
sterrenhemel. We hadden onze voorzorgsmaatregelen getroffen: een extra dekbed,
sokken, een kruik en mijn Zuid-Afrikaanse slaapmuts. Ik moest om half drie
plassen en toen ik buiten kwam was alles bevroren.
We hebben het gelukkig zelf niet koud gehad, we hebben elkaar goed warm gehouden. Om half negen zijn we pas opgestaan. Bij het ontbijt eerst tante Trijntje gebeld, die vandaag 72 jaar is geworden. Ze is zeer verrast dat we haar vanaf de poolcirkel bellen. Het is lekker zonnig en de temperatuur loopt al snel op. Alles kunnen we gelukkig droog inpakken en meenemen.
Eerst posten we de kaarten nog bij het
postkantoor in het Santa park, want daar krijgen de kaarten een speciaal
poststempel. In Finland heet de Kerstman Joulupukki, eigenlijk een veel leukere
naam. Verder hebben we een voorspoedige reis via een heel mooie route. We zijn
nu de poolcirkel gepasseerd. Bij Vuojärvi wordt de weg ineens heel breed, het is
een (nood) landingsbaan voor vliegtuigen. Langs de kant van de weg bloeien veel
wilgenroosjes en wollegras. Ook zijn we geregeld boven de boomgrens, die zo
noordelijk niet zo hoog ligt.
De weg gaat via Ivalo en Kaamanen en bij
Kargasniemi gaan we de grens met Noorwegen over. Het begin van de route in
Noorwegen tot Skoganvarre gaat over een mooie, golvende weg. Hier zijn we in het
Lapland zoals we het ons hadden voorgesteld. De Samen of Sami (Samisch: Sámit)
zijn een van oorsprong nomadisch volk dat het Noord Scandinavische Lapland
bewoont. Ze zijn ook bekend onder de naam Lappen, die ze zelf als een belediging
beschouwen.
Ze bezitten tegenwoordig in zowel Noorwegen, Zweden als Finland een eigen parlement, het Sameting, dat bij de nationale overheden van de staten, waar Lapland onder valt, inspraak heeft in zaken die de Samen en hun woongebied betreffen. De meeste Samen wonen in Noorwegen, zo'n 50.000. In Zweden zijn dat er ongeveer 20.000, in Finland 6.000 en in Rusland 2.000.
De Samen leefden traditioneel als nomaden die
rendierkudden volgden in hun jaarlijkse voedseltrek. De rendieren leverden de
Samen melk, vlees en huiden en deden bovendien dienst als trekdier voor de
slede, het vervoermiddel bij uitstek in dit gebied.
De Samen woonden in tenten (van rendierhuid) die gemakkelijk af te breken en te vervoeren waren. Alleen in de winter bleven de Samen en rendieren op één plaats; in plaats van in tenten leefden ze dan in lage stenen huizen, die met aarde bedekt werden om ze tegen de felle vrieskou te beschermen.
Vanaf de 20e eeuw is de levenswijze van de Samen sterk veranderd. Slechts een klein percentage voert nog een nomadisch bestaan, en dan doorgaans nog slechts een deel van het jaar. De meeste Samen hebben zich als visser, landbouwer of zelfstandig ondernemer gevestigd. Hun leven verschilt tegenwoordig in weinig opzichten van dat van andere Scandinaviërs. De traditionele kleurige kleding van de Samen wordt meer en meer tot de folklore gerekend, evenals de traditionele muziek van de Samen, de zogenaamde joik.
Het is erg rustig op de weg, we rijden soms hele
tijden zonder een auto te zien. Wel overal lopen er rendieren, ook op de weg.
Omdat we toch niet harder dan 80 kilometer per uur mogen rijden en de rendieren
niet schrikkerig zijn is dat geen probleem. Uiteindelijk belanden we in
Stubbursdalen aan de rand van een nationaal park bij een grote camping.
Het is nog steeds mooi weer, maar wel behoorlijk fris. De tent staat weer zo en we gaan koken in de centrale keuken van de camping. In Scandinavië hebben de meeste campings zo’n keuken, met een aantal kooktoestellen, een koelkast en een diepvries. Sommige hebben zelfs een gezellige zitkamer, dus als het koud is kunnen we ons daar ophouden. Ook het sanitair is tot nu toe overal uitstekend!
Na het eten en de afwas maken we een wandeling in de omgeving. De camping ligt aan een rivier (de zalmrivier), dus worden er wat stenen verlegd. Morgen gaan we proberen de Noordkaap te bereiken.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 10 |
woensdag 19 augustus 2009 |
We hebben weer prima geslapen, na het douchen en
ontbijten pakken we ons hele boeltje weer in. Tegenover de camping is een
informatiecentrum van het nationaal park Stubbursdalen, daar nemen we eerst een
kijkje. We bekijken daar naast allerlei informatie over de streek en het
dierenleven, ook een film over de Sami. Daarna gaan we op weg naar de Noordkaap,
het noordelijkste puntje van het vasteland van Europa dat via de weg is te
bereiken. Hert weer is zeer wisselvallig, felle buien afgewisseld met zon en
flink wat wind. Dit weer geeft wel mooie plaatjes, dus onderweg maak ik
behoorlijk wat foto’s. De reis gaat via Olderfjord, Repväg, Kåfjord en
Honningsvåg. Heel bijzonder om dit mee te maken. Onderweg komen we door heel wat
tunnels, 2980, 496, 6870 en 4440 meter lang. Ook komen we weer heel veel
rendieren tegen.
Om twee uur zijn we al op de Noordkaap, na l'
Alguhas, de meest zuidelijke punt van Afrika, een andere uiterste punt van een
continent dat we bezoeken. Als we de auto uitgaan waaien we bijna uit onze
schoenen, we hebben moeite om rechtop te blijven staan. Eigenlijk stelt het niet
zo veel voor, maar ja, je moet er geweest zijn.
De Noordkaap (Noors: Nordkapp) aan de Barentszzee wordt traditioneel beschouwd als het noordelijkste puntje van het Europese continent. De Noordkaap ligt op het eiland Magerøya, dat we met een tunnel vanaf het vasteland bereikt hebben. Het is gelegen op 71° 10' 21" NB, in de gemeente Nordkapp bij Hammerfest, in de provincie Finnmark. De kaap ligt op 2080 km van de Noordpool.
De Noordkaap is niet het noordelijkste punt van
Europa. De eilandengroep Frans Jozefland die op ca 600 km ten noorden van de
Noordkaap ligt, behoort eveneens tot Europa. De Noordkaap is ook niet het
noordelijkste punt van het Europese vasteland in ruime zin (inclusief de
kusteilanden), maar Knivskjelodden dat zo'n anderhalve kilometer noordelijker is
gelegen. Sander had ons al gemaild dat we daar wandelend (zo’n 9 kilometer heen
en 9 kilometer terug, heen konden gaan. Omdat het zo stormt en het geen
geëffende weg is besluiten we dit toch maar niet te doen.
Het was de Engelse zeevaarder Richard Chancellor
die de kaap haar naam gaf. Hij was in 1553 op zoek naar de Noordoostelijke
Doorvaart naar Indië. Een drukke handel tussen Engeland en Moermansk was hiervan
het resultaat.
Op 25 december 1943 vond er in de nabijheid van
de Noordkaap een zeeslag plaats waarbij het slagschip de Scharnhorst tot zinken
werd gebracht. Van de 1934 opvarenden overleefden slechts 36 man de catastrofe.
In de Noordkaaphal is hier een herdenkingsplaats voor ingericht. Omdat de
Noordkaaphal zich in een landschappelijk beschermd gebied bevindt werd het drie
verdiepingen tellend gebouw in de rots uitgehouwen.
Het is een erg toeristisch
geheel met winkels, enkele restaurants, een postkantoor, een kapel en een
bioscoop.
We kopen en versturen de ansichtkaarten voor familie en kennissen hier, als het goed is komt er een speciaal poststempel van de Noordkaap op. Om vier uur hebben we alles wel bekeken. De terugweg gaat eerst over de weg die we heen ook hebben gereden. We rijden via Skadi door tot Alta en belanden op een mooie camping “Solvang” (zonnevanck), met een goede keuken en een gezellige huiskamer. Hier maken we weer graag gebruik van, want de buitentemperatuur is om 9uur ’s avonds maar 10º C. We hebben vandaag een paar sms'jes gekregen, die we beantwoorden en verder schrijven we wat en genieten nog wat na met een glaasje wijn.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 11 |
donderdag 20 augustus 2009 |
Zowaar hebben we vanochtend een beetje
uitgeslapen. Om half negen worden we pas wakker. Na het douchen en het ontbijt
rijden we naar het stadje, de nederzetting Alta, de naam komt van het
Lappenwoord ‘’zwanenfjord’’ (Alptafjordr). Er is veel kleine industrie en een
centrum van onderwijs, met onder andere een hogeschool en universiteit. De Alta
kerk uit 1858 was het enige gebouw dat na de brand in 1944-45 nog overeind
stond.
De Duitsers brandden gedurende de Tweede Wereldoorlog vrijwel alle dorpen
in de provincie Finnmark, tijdens hun terugtrekking af. We gaan in het hyper
moderne centrum boodschappen doen. In vergelijking met Zweden en Finland zijn de
prijzen hier een behoorlijk stuk hoger, ook omdat Noorwegen niet is aangesloten
bij de Europese Unie. Daarna gaan we naar het verkeersbureau om te internetten.
Ze kunnen daar geen verbinding krijgen en sturen ons door naar de bibliotheek.
Ook hier geen verbinding, er is een probleem met de telefoonlijnen in heel Alta.
Het is een mooie goed uitgeruste bibliotheek.
We besluiten naar het Alta museum te gaan. De
rotstekeningen zijn één van de grootste attracties in Alta er zijn er meer dan
drieduizend, waarvan de oudste ongeveer 6300 jaar oud zijn. Vanwege de
historische waarde staan deze bijzondere tekeningen op de Werelderfgoedlijst van
Unesco. Ook komen we in dit museum meer te weten over de lokale cultuur en de
geschiedenis. Al met al wandelen we heel wat kilometers om de rotstekeningen te
bekijken.
We gaan nog even naar het verkeersbureau om te
kijken of het internet inmiddels wel werkt, maar er is nog steeds geen
verbinding te krijgen. Onderweg zien we een standbeeld van een wijzende man. Ik
zet hem op de foto voor Merijn. Hij moet altijd erg lachen om de sketch van
Kooten en de Bie over de “oorlogsheld”. Het ging over de vader van die twee, die
een Duitser tijdens de oorlog de verkeerde kant naar het station op had
gestuurd. (wo ist der Bahnhof, do ist der Bahnhof).
Terug op de camping gaan we uitgebreid koken, we hebben een grote moot zalm gekocht, die we met zorg bereiden. Als we alles op hebben gaan we nog een flink stuk op het wad, dat aan de camping grenst wandelen. Het was de hele dag wat miezerig, maar nu is het opgeklaard en de ondergaande zon schittert prachtig op het natte zand. De zon gaat heel langzaam onder, maar daarna wordt het niet echt donker.
Als we terug op de camping zijn arriveert er een grote bus met mensen uit Estland, die in de trekkershutten gaan overnachten. De bus blijkt een voorheen OAD bus te zijn, het woord REIZEN staat er nog op. Ook op deze camping is een kerk, waar één of andere bijeenkomst met Russen aan de gang is. In de huiskamer kijken we nog wat televisie (het nieuws) en drinken nog een slaapmutsje.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 12 |
vrijdag 21 augustus 2009 |
Vanmorgen worden we gelukkig weer door de zon
gewekt. Vannacht was het ook een stuk warmer dan voorgaande nachten. Vandaag kan
dus ook alles weer droog mee. We rijden eerst langs het verkeersbureau en het
internet werkt gelukkig weer. Het thuisfront kunnen we weer verslag van de
afgelopen dagen doen. Ook lezen we de reacties en de mail. Jenny verzamelt
allerlei informatie over de winterarrangementen hier, want ze wil samen met
Maartje nog een keer in de winter naar Lapland. Het liefst in een ijshotel. Het
Alta Iglo Hotel is het grootste ijshotel van Noorwegen en is 's werelds meest
noordelijk gelegen. Zowel het gebouw zelf als het complete interieur is gemaakt
van sneeuw en ijs; de kamers, de bedden en zelfs de glazen in de bar!
Het moet
ieder jaar weer opnieuw gebouwd worden, want in april smelt het weg. Naast de
100 bedden heeft het Iglo Hotel een ijsgalerie, een ijsbar, een ijskapel en
verschillende lounges. Het ijshotel is gedecoreerd met ijssculpturen van bekende
kunstenaars. De pure witte sneeuw en het schitterend kleurende ijs scheppen een
sprookjesachtig decor, vertelt de mevrouw van het verkeersbureau. De
wintermaanden kunnen erg koud zijn, maar in het ijshotel is de temperatuur
vrijwel constant en ligt tussen de - 4 en -7 graden. Dankzij de rendierhuid
matrassen en de comfortabele slaapzakken, die je tot -30 graden nog warm houden,
moet je er wel lekker kunnen slapen. De prijzen zijn wel pittig je betaalt €
250,00 p.p. voor een overnachting.
We vervolgen onze weg op de E6 richting Narvik,
ons doel is de Lofoten, maar die zullen we wel niet in één dag kunnen bereiken.
Het is een schitterende route, die langs een aantal fjorden slingert. Onderweg
komen we bij een Sami nederzetting. Ze verkopen hier allerlei spullen die ze
zelf gemaakt hebben. We kopen een rendierhuid en voor Merijn een koffiezak. Het
is de bedoeling dat Merijn op 1 september zijn eigen webwinkel met koffie, thee
en chocola gaat openen .
Vandaag hebben we moeite om geld te pinnen, bij
een bank sturen zo ons naar de volgende minibank (pinautomaat), maar die ligt
wel 100 kilometer verder, gelukkig wel op onze route. Bij een bus
overstapstation in Bardufos lukt het gelukkig wel. Daarna hebben we ook maar
gelijk getankt, want soms kom je ook een hele tijd geen tankstation tegen.
Zonder benzine zitten lijkt ons hier niet zo leuk. Bij dit tankstation eten we
ook gelijk iets warms. De hele dag hebben we mooi weer gehad, maar nu begint het
wat te spetteren. We hebben vandaag weer aardig wat kilometers gereden en gaan
op zoek naar een camping. We rijden eerst nog wat legerplaatsen door met veel
kazernes langs beide kanten van de weg; de luchtmacht heeft hier een grote
basis.
De eerste camping die we tegenkomen ziet er erg troosteloos en verlaten uit. We besluiten hoewel we het rijden wel zat zijn toch nog door te rijden. Een paar kilometer verder is er gelukkig nog één, die er wel goed uitziet; de Solbakken camping. Hij is gelegen op de flank van een hoge berg waarvan je de top niet kunt zien omdat die in de wolken zit. Hier is ook weer een prima zitkeuken, dus richten we de tent verder maar niet in omdat we morgen toch doorrijden naar de Lofoten.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 13 |
zaterdag 22 augustus 2009 |
We hebben gisterenavond wat het eten betreft er
wat met de pet naar gegooid, dus ontbijten we vandaag maar weer eens uitgebreid
op z’n Engels met eieren en bacon. We zitten redelijk hoog op de berg en er zijn
een aantal wolken lager dan ons. Toch kunnen we alles nog redelijk droog
inpakken, alleen de tent is wat klam.
We hebben vandaag weer wisselvallig weer, het is
de hele dag afwisselend licht- en zwaarbewolkt. We wennen er al aan en al met al
hebben we toch heel wat zonnige periodes meegemaakt. Ook nu komt de zon gelukkig
regelmatig even door. Weer een schitterende route met prachtige vergezichten. In
Bjerkvik doen we wat boodschappen, ook voor morgen want dan is het zondag en dan
zijn de winkels dicht. In Bjerkvik slaan we af, de E10 op, de zogenaamde koning
Olafweg, die alle eilanden van de Lofoten met elkaar verbindt. We passeren een
paar mooie bruggen en lange tunnels.
In Svolvær bekijken we de kathedraal, die we
helaas, wegens een restauratie niet van binnen kunnen bekijken en het kerkhof.
Om 4 uur zijn we al in Bamberg aangekomen. Nu gaan we eindelijk eens op een
camping staan die we van te voren hebben uitgezocht: Gjestegård. Het is een
drukke, gezellige camping en we hebben een plekje met een prachtig uitzicht,
vlak aan een zilverwit zandstrand. Vanuit onze tent kijken we zo op de Noorse
Zee.
De tent staat weer snel en we richten alles
uitgebreid in, want we zijn van plan hier drie dagen te blijven om de Lofoten te
verkennen. We gaan eerst de buurt wat verkennen. We wandelen door het leuke
dorpje en de vissershaven. Het water is glashelder en je ziet de vissen zwemmen
en de zee-egels op de rotsen onder water zitten. Het zijn de grootste zee-egels
die we ooit gezien hebben, wel 10 cm in doorsnee.
Terug op de camping hebben we weer eens tijd om
uitgebreid te koken. Zalm is ook hier voordelig dus dat staat weer op het menu.
In de keuken is het erg druk, maar ook heel gezellig, mensen van allerlei
nationaliteit.
We zijn in deze vakantie nog maar weinig Nederlanders tegen
gekomen, maar hier zijn er wel een paar. Na de afwas belt Maartje ons, in
Holland is alles gelukkig goed. We gaan nog een stuk langs het strand wandelen.
We genieten van de schitterende zonsondergang en ik kan er een paar prachtige
foto’s van maken, die zo in een reisgids kunnen. Wat zullen we straks onder het
geruis van de branding lekker kunnen slapen.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 14 |
zondag 23 augustus 2009 |
Zoals bijna iedere ochtend worden we om ongeveer
half acht wakker, vaak omdat één van ons beiden moet plassen. We gaan gelijk
maar douchen en daarna weer uitgebreid ontbijten, met jus, gebakken eieren en
een beschuitje met tytebærejam (cranberry’s). Na het ontbijt rijden we naar het
eindpunt van de E10, naar het dorpje Å (de plaats met de kortste naam). De weg
eindigt op een parkeerplaats en je kunt daar vandaan alleen maar terug. Hier is
het bewijs dat niet alle wegen naar Rome leiden, maar ook bij de Noordkaap waren
we al tot die conclusie gekomen. Hier op de Lofoten leiden alle zijwegen
trouwens alleen maar naar de vele dorpjes die aan de baaien van de fjorden
liggen.
Het is zoals iedere dag weer een mooie route. Å
ook wel Å i Lofoten genoemd, is een oud vissersdorp (Noors: Fiskevær) met
ongeveer 250 inwoners. De visserij is hier belangrijk geweest, in het bijzonder
het vissen op kabeljauw. De verdere verwerking hiervan naar stokvis en traan lag
ook voornamelijk hier in het dorp. Tegenwoordig zijn toeristen een belangrijke
bron van inkomen. Overal hier op de Lofoten zie je de rekken en droogschuren
voor de stokvis.
We maken een mooie wandeling over de kliffen en door het dorpje, waar we bij het stokvismuseum gaan kijken. Hier is ook een grote opslagschuur voor de stokvis. Na de koffie gaan we langzaam terug naar Bamberg. In Sørvagen kijken we naar de aankomst en het vertrek van de veerboot naar Bodø. We moeten nog beslissen met welke veerboot we naar het vaste land gaan, morgen zullen we dat ook in Svolvær gaan bekijken, vandaar vaart het veer naar Skutvik.
Onderweg maken we stops om foto’s te maken. Na
iedere bocht in de weg hebben we een uitzicht die een foto waard is. We nemen
een zijweg naar Tredvang en moeten ook hier weer dezelfde weg terug, omdat ook
deze weg in het dorpje eindigt. We rijden langs een spiegelglad fjor
d en ik kan
hier ook weer wat mooie “spiegelfoto’s” maken. Terug op de camping zetten we een
potje thee en genieten van het mooie uitzicht vanonder onze luifel.
Het is nog redelijk vroeg dus besluiten weer een wandeling te maken. We gaan langs het strand naar het noorden richting vuurtoren. We moeten over wat erven van huizen en belanden zo in een onontgonnen gebied. We zien nu dat de vuurtoren op een eilandje staat, daar kunnen we dus niet bijkomen. Het is een mooie wandeling en we genieten van de stilte en de natuur. Door het dorpje en later weer over het strand gaan we terug naar de camping. Om zeven uur is het erg druk in de keuken, we besluiten om met koken nog maar even te wachten. Het wordt vandaag dus een laat diner. Om een uur of acht gaan we toch maar aan het werk en een half uurtje later zitten we lekker te eten. Het begint weer wat te regenen (wat is het weer hier toch wisselvallig), maar na een half uurtje houdt het gelukkig weer op. We kunnen door de bewolking helaas vanavond geen zonsondergang zien. Maar als we naar bed gaan om een uur of twaalf is het nog steeds niet echt donker.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 15 |
maandag 24 augustus 2009 |
We worden vanmorgen lekker langzaam wakker en na
het ontbijt gaan we naar Borg, waar we het Vikingmuseum gaan bezoeken.
Eergisteren, onderweg naar Bamberg, hadden we in Borg vanaf de weg al een mooie
moderne kerk gezien. Jenny wil deze nu eens beter gaan bekijken.
De dominee is
aanwezig en hij vindt het prima dat we de kerk ook van binnen gaan bekijken. Ook
binnen is het een mooie kerk, het lijkt wel of de kerk om het grote orgel heen
is gebouwd. Er is een mooi wandkleed en prachtige glas-in-loodramen. De dominee
vertelt dat het een Lutherse kerk is. Het is een staatskerk en gebouwd nadat de
oude houten kerk door brand verwoest was. De garderobe is een atoomvrije
schuilkelder. Het was me al opgevallen dat in veel openbare gebouwen in
Noorwegen van die schuilkelders zijn. De koude oorlog heeft hier zeker veel
indruk gemaakt. De dominee wist niet dat de zwaan in Nederland het symbool van
de Lutheranen is. Het was Jenny opgevallen dat er in deze kerk geen afbeelding
van een zwaan te zien is, terwijl dat in Nederland in een Lutherse kerk
ondenkbaar is.
Het Vikingmuseum ligt op een heuvel tegenover de kerk. Het Lofotr Viking Museum is een reconstructie van een 83 meter lange woning van een Viking hoofdman. De originele woning werd gebouwd rond 500 na Christus.
Als we binnenkomen in het huis van de Vikinghoofdman is het net of we in de Vikingtijd beland zijn. De fakkels flakkeren en de lampen aan het plafond zorgen voor een stemmige verlichting en de geur van teer vult de neusgaten.
In 1983 begon men hier met archeologische opgravingen en van 1986 tot 1989 was er een Scandinavisch onderzoeksproject bij Borg. Opgravingen legden de overblijfselen bloot van het grootste gebouw uit het rijk van de Vikingen dat ooit is ontdekt, zowel in Noorwegen als elders in Europa.
Voor het eerst waren de archeologen ervan
overtuigd dat zij een woning van een Viking hoofdman hadden ontdekt. De
opgravingen onthulden dat een gebouw van 67 meter lengte hier al vroeg in de 6de
eeuw was opgetrokken. Het werd opnieuw opgebouwd en uitgebreid tot een lengte
van 83 meter in het begin van de Vikingtijd.
Mensen in traditionele kostuums
verzorgen de rondleiding en in dit museum mogen we overal aanzitten. Vanaf het
huis maken we een wandeling naar het meer op zo’n twee kilometer afstand waar we
nog een werkplaats van een smid kunnen bezoeken en een aantal replica’s van
Vikingschepen. We zijn gelukkig vroeg, want als we terug gewandeld zijn is het
in en rond het museum erg druk, terwijl toen wij er waren er bijna niemand was.
We rijden door naar Svolvær en daar door naar de
kade van het veer naar Skutvik. De boot staat op het punt van vertrekken en de
medewerkers kunnen op al onze vragen een tevredenstellend antwoord geven. We
hoeven niet te reserveren want het vakantie seizoen is al voorbij en er zal
zeker voor ons een plekje zijn. We besluiten ter plekke morgen vanaf hier de
overtocht te wagen. De boot vertrekt pas om 4 uur, dus kunnen we morgen lekker
kalm aan doen.
We bekijken het stadje Svolvær, wat opvalt is het spierwitte kerkje dat boven de huizen uittorent. De kosteres is bezig en nodigt ons uit om ook binnen een kijkje te nemen. De kerk is net helemaal opgeknapt en ziet er wat ons betreft (te) nieuw uit. De glas-in-loodramen en het koperwerk zijn bij de restaurateur, die moeten we dus helaas missen.
Het haventje ziet er mooi uit, er zijn nieuwe appartementen gebouwd, modern, maar wel goed passend in de omgeving. Het toeristen informatie centrum is dicht, dus kunnen we vandaag niet internetten.
Op het stadsplein laat een meneer ons walvisvlees proeven. Het is eigenlijk tegen onze principes, maar we doen het toch. Het smaakt prima, maar we blijven er tegen dat deze schitterende dieren afgeslacht worden.
Ook hier zijn de winkelcentra in grote
blokkendozen met een overdekt binnenplein gebouwd. Ik vind ze foei lelijk, maar
het zal in de winter, die hier acht maanden duurt wel praktisch zijn. Het is een
prachtig zonnige dag met een temperatuur van boven de 20º C.
We rijden de lange weg weer terug naar de camping, wat is het hier toch prachtig, heel apart licht, dat na iedere bocht in de weg wisselt in groen en blauw tinten. Een gelukkige Maartje belt nog even dat ze het huis van hun 1e keuze toegewezen hebben gekregen, de bofkonten.
Na het eten wandelen we nog even naar het haventje, waar we genieten van een prachtige zonsondergang, met heel aparte lichtbanen in de lucht. Om elf uur is de zon al onder maar de lucht blijft wel, tot we naar bed gaan rood gekleurd. Niet te beschrijven mooi.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 16 |
dinsdag 25 augustus 2009 |
Het was een erg heldere en koude nacht. Wel
hebben we heerlijk warm geslapen. Na het douchen en ontbijten breken we de boel
op. De tent is nog wel wat nat door de dauw, want de tent staat in de schaduw
van de bergen.
We gaan eerst naar de bibliotheek, die zich naast de camping bevindt om te internetten. Hier in Noorwegen zien we bijna geen internetcafé, maar de meeste plaatsen hebben een goede bibliotheek en daar kun je overal gratis gebruik maken van internet. e web-log heb ik weer bijgewerkt en de reacties en de mail gelezen. We hebben een leuk gesprek met de bibliothecaresse over van alles en nog wat. Over de prijzen in Noorwegen en Nederland. De natuur enz., enz. De Lofoten zijn het mooiste stukje Scandinavië vinden wij, dat we tot nu toe gezien hebben. Zij antwoordt dat we maar eens in de winter terug moeten komen. Zij vindt het maar niets, 8 maanden winter, met veel sneeuwstormen, waarbij je geen hand voor ogen kunt zien, ook omdat het hier vier maanden bijna niet licht wordt.
Vandaag is het weer een schitterende dag, met
veel zon en het is relatief warm. We vertrekken vanuit Ramberg richting Svolvær
om de boot naar Skutvik te halen.
We zijn een paar keer langs een heel bijzondere berg gereden, het is net of er bovenin een ruitvormige rots ingezet is. Ik wil er een foto van maken en we parkeren de auto op een vluchthaven. Als ik mijn fototoestel wil pakken vliegt er net een grote zeearend langs. Wat een schitterende vogel! Helaas is hij al achter een rotspunt verdwenen voordat ik mijn fototoestel heb kunnen pakken. We drinken koffie bij de mooie brug in Lyngvær en rijden daarna door naar Kabelvåg. We bekijken daar de zeehonden en bezoeken een expositie van Kåre Espolin Johnson. Ook wordt er een film over hem vertoont, die gelukkig in het Engels is. Zijn teken- en schilderkunst is erg expressief, we vinden het allebei mooi. Later rijden we naar Svolvær, ik moet even naar de opticien, want ik ben alweer een neusvleugeltje van mijn bril kwijt. Jenny wacht bij de aanlegsteiger van de pont en als ik terug kom is die inmiddels ook gearriveerd. Jenny heeft al ingecheckt en om vijf voor vier rijden we de boot op. Er gaan maar een paar auto’s en passagiers mee.
Precies om vier uur vertrekt de boot. Eerst doen
we het eilandje Skrova aan en varen daarna door naar Skutvik. Gelijk na Skrova
zien we onze tweede zeearend van deze dag. We hebben een goede vaart. Ondanks
het mooie weer schommelt de boot toch behoorlijk. Vlak voor Skutvik roept de
mevrouw die het restaurantje beheert dat er een walvis te zien is. We zien hem
spuiten, het is een kleintje en zwemt zo’n 200 meter van de boot af. Helaas komt
hij niet dichterbij. Om half
zeven zijn we weer van de boot af, daarna rijden we
nog zo’n 1½ uur via de E6 naar het zuiden. We vinden een camping in Mørsvikbotn.
De eigenaresse van de camping vindt het maar zielig dat we een tent op moeten
zetten en biedt ons, heel voordelig, een trekkershut aan. Wij vinden het
gelukkig niet erg en de tent moet echt worden opgezet omdat hij nog wat vochtig
is. Na het eten maken we nog een kleine wandeling langs de rivier, die naast de
camping ligt. Daarna kijken we nog wat televisie in de huiskamer. We zijn er de
enigen en er is een schotel, dus kijken we BBC-worldnews. Jenny smst met Anny en
Jan, want we zijn toch wel nieuwsgierig of ze inmiddels al weer opa en oma zijn
geworden. Maar nee dus.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 17 |
woensdag 26 augustus 2009 |
Vanmorgen is de zon al weer vroeg present. We
kunnen alles kurkdroog inpakken en na het ontbijt en douchen zijn we al voor
tien uur weer onderweg. Het wordt een beetje eentonig om op te schrijven, maar
ook vandaag hebben we weer een schitterende route. Eigenlijk doen we te veel
indrukken op om in één vakantie te kunnen verwerken.
We rijden via Straumen, Lønsdal, Rogan, waar het poolcirkelcentrum ligt op 67° 06' NB, 15° 23' OL. Natuurlijk moeten we hier even rondkijken, er is een informatiecentrum en een officieel, en honderden niet officiële gedenktekens. We kopen een T-shirt voor Moreno en vinden buiten een heel eenzaam klein blauw olifantje, die we voor Annie meenemen.
We vervolgen onze weg via Moi-Rana en Mosjøen. Vandaag weer een heerlijke dag met temperaturen boven de 20º C. Zoals ik al eerder schreef is geld pinnen niet overal mogelijk. Nu worden we doorgestuurd naar Mosjøen, eerst naar een bank, die ons doorstuurt naar een mini-bank (geldautomaat) een paar honderd meter verderop. Deze is leeg, maar in een winkelcentrum vlakbij kunnen we toch gelukkig onze portemonnee weer vullen.
Om vijf uur komen we aan bij een camping in
Trofors, gemeente Grane, uiteraard weer aan de E6. De camping ligt aan een
bergbeekje. Er is een nieuw en een oud gedeelte. Omdat het nieuwe gedeelte geen
keuken en zitkamer heeft besluiten we onze tent op het oude gedeelte (die dit
wel heeft) op te zetten. We zijn eerst de enige bezoekers, maar er komen er
steeds meer, waaronder veel werklieden die door de week hier wonen in
trekkershutten.
De trekkershutten, die op bijna alle campings zijn, zijn er in verschillende soorten, van heel eenvoudig tot luxe. Je kunt dus kiezen hoe je de nacht wil doorbrengen. Wij zijn overigens nog steeds heel tevreden met ons eigen onderkomen. Het is de perfecte tent voor ons tweetjes. Hij staat in een kwartiertje. We kunnen alle spullen goed kwijt, er rechtop instaan, ook in het slaapgedeelte en er is genoeg ruimte om goed te zitten.
Jenny heeft de hele dag gereden, zodat ik onderweg foto’s kan maken.
Omdat we zo vroeg zijn koken we weer eens
uitgebreid in de keuken van de camping. We waren bang dat we niet voldoende gas
mee hadden (camping-gas is in Scandinavië niet te krijgen), maar omdat we steeds
in de keuken van de camping koken, de kachel nog niet aan hebben gehad en de
gaslamp ook maar weinig nodig hebben gehad, hebben we bijna nog niets verbruikt.
Na het eten nog een leuke wandeling door en langs het riviertje gemaakt, het wordt hier (onder de poolcirkel) wel weer vroeger donker (een uur of tien). Ook wel weer gezellig! Met de lamp aan wat schrijven, puzzelen en naar de Wereldomroep luisteren onder het genot van een biertje en een wijntje.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 18 |
donderdag 27 augustus 2009 |
Zoals iedere ochtend zijn we weer vroeg wakker,
we gaan iedere avond relatief vroeg naar bed en slapen over het algemeen (zoals
altijd) prima, dus dat is ook wel logisch. We doen lekker kalm aan, uitgebreid
douchen en ontbijten, weer eens met eieren en bacon.
We pakken voor de zoveelste keer (we zijn de tel een beetje kwijt geraakt) weer
op en in en om kwart over tien vertrekken we richting Trondheim. De route is nu
ook weer schitterend, het landschap verandert langzaam van ruig in meer
glooiend. We zien steeds meer boerderijen met velden graan er om heen.
Onderweg hebben we steeds de bekende
waarschuwingsborden met een eland erop gezien. In de reisgidsen hadden we al
gelezen dat de kans dat je een eland buiten de nationale natuurparken zult zien
te verwaarlozen is. Warempel vlak in de buurt van Grong staat er een eland-koe
langs de kant van de weg. We keren om, om foto’s te maken. We moeten wat
doorrijden om weer te kunnen keren om de weg te vervolgen. Als we weer op de
plek komen waar de eland stond is die al weer verdwenen en nergens meer te zien.
We hebben denk ik behoorlijk geluk gehad.
Wat later op de weg naar Steinkjer begint de benzinemeter behoorlijk naar het
rode streepje te lopen. Het wordt wat zorgelijk want in alle dorpjes waar we
langs komen is geen benzine pomp. Ook het lpg is sinds het begin van onze reis
in Scandinavië al op omdat het niet te krijgen is. Het benzine lampje begint ter
branden (we kunnen dan nog zo’n 30 kilometer rijden) en dan gelukkig na een paar
kilometer zien we een benzine
pomp. Zoveel liters als er dan in de tank gaan
hebben we nog nooit getankt. Opgelucht gaan we verder richting Trondheim. We
komen nog een aantal toltunnels en tolwegen tegen. We besluiten door de stad te
rijden, dat is geen lolletje want het verkeer staat behoorlijk vast. Op een
gegeven moment komen we weer op de E6, de omweg door de stad was dus eigenlijk
niet nodig geweest. Na een paar kilometer zien we het verwijsbordje naar een
camping. We gaan van de E6 af en rijden nog een kilometer of vijf.
De camping Nidelven in Klæbu ligt ongeveer 7
kilometer van Trondheim, dus een mooi uitgangspunt voor ons bezoek aan de stad
morgen. Ook deze camping is erg rustig. Bij de receptie staat dat we onze tent
maar ergens moeten neerzetten en dat er iemand tussen zes en acht uur aanwezig
zal zijn om ons in te schrijven. Zo gezegd zo gedaan. We zetten de tent op naast
de open keuken die lijkt op de keukens die we op de campings in Zuid Afrika
hebben gezien. Er komen steeds meer mensen, vooral kinderen, leerkrachten en
ouders op de camping en even later komt ook de beheerder. Hij vraagt of wij van
kinderen houden, want een schoolklas heeft een BBQ met de ouders erbij en de
kinderen blijven er ook een nachtje slapen. Wij vinden het geen bezwaar. Het is
dus gezellig druk. De eigenaar is een leuke man die in goed Engels honderduit
praat. Hij hangt zelfs een Nederlandse vlag aan de keuken, dan hebben we geen
heimwee zegt hij. Hij geeft ook folders en een kaart van Trondheim en omgeving
aan ons en adviseert om met de auto te gaan en die dan in een parkeergarage te
parkeren.
We doen de was in een wasmachine die in de sanitaire ruimte staat. Volgens de
eigenaar is het geld daarvoor, die we in een spaarpot moeten doen voor zijn
kleinkind. Zo hebben we die ook weer gesponsord. De keuken is prima, maar er is
geen huiskamer, een avond in de tent is ook prima, het is lekker warm en
gezellig. We hebben alle scheerlijnen gespannen en de was daaraan opgehangen,
die lekker in de wind wappert.
De BBQ is inmiddels afgelopen en er zijn vier grote wigwams opgezet voor de
schoolkinderen, die afscheid van hun ouders nemen. Het is wonderbaarlijk hoe
snel het stil is als de kinderen in de wigwams verdwenen zijn. Wij genieten nog
een poosje van de mooie sterrenhemel, voordat we onder de wol kruipen.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 19 |
vrijdag 28 augustus 2009 |
We hebben de kinderen vannacht niet gehoord en
heerlijk doorgeslapen tot half negen. Het is fris, maar zonnig en de was is
droog. We doen lekker langzaam aan met douchen en ontbijten. De kinderen ruimen
alles weer op en vertrekken met een grote bus richting school. We geven de
leerkrachten van de kinderen, die ons al excuses hadden gemaakt voor de overlast
(?), een compliment dat de kinderen zich juist zo goed hebben gedragen. Het valt
op dat ze veel gedisciplineerder en zelfstandiger zijn dan kinderen van deze
leeftijd in Nederland. Tegen half twaalf, na de koffie vertrekken we richting
Trondheim. Het is veel rustiger op de wegen dan gisteren. We stallen de auto in
een parkeergarage en beginnen onze wandeling door de stad.
Trondheim (spreek uit als tronheim) is de
hoofdstad van de Noorse provincie Sør-Trøndelag, met 170.000 inwoners de derde
stad van Noorwegen. Uit de, in deze streek gevonden rotstekeningen blijkt dat er
al duizenden jaren sprake is van menselijke bewoning. In vroegere tijden werden
de koningen van Noorwegen tot koning uitgeroepen bij Øretinget in Trondheim. Op
deze plaats, bij de monding van de Nidelva, vond de vergadering van alle vrije
mannen plaats. Harald I (865-933) werd hier tot koning uitgeroepen, evenals zijn
zoon Haakon de Goede. Trondheim werd door de Vikingkoning Olav Tryggvason in 997
na Chr. Kaupangen (= handelsplaats) genoemd. Kort daarna werd de naam Nidaros.
In het begin werd het vaak gebruikt als de zetel van de koning, en daarom de
hoofdstad van Noorwegen (tot 1217).
Leif Eriksson leefde rond 1100 in Trondheim als militair vazal van koning Olav.
Trondheim ligt aan de monding van de Nidelva, beschermd gelegen met uitstekende
havencondities. De rivier was in de Middeleeuwen diep genoeg voor scheepvaart.
Een modderlawine maakte de rivier minder bevaarbaar en verwoestte een deel van
de haven in het midden van de 17e eeuw. De grote veldslag van Kalvskinnet vond
hier plaats in 1179, waarbij koning Sverre Sigurdsson en zijn Birkebeiner
strijders, zijn rivaal voor de troon Erling Skakke, versloeg.
De stad was de zetel van het (katholieke)
Aartsbisdom van Noorwegen vanaf 1152. Door de komst van het Lutheranisme in
1537, moest de laatste Aartsbisschop, Olav Engelbrektsson, de stad ontvluchten.
Hiermee kwam tevens een eind aan het belang van Trondheim als het bedevaartsoord
voor monniken, dat de stad vanaf de kerstening door St. Olav rond het jaar 1000,
geweest was.
De stad is verschillende malen getroffen door grote branden. Omdat het een stad
was van vele houten gebouwen, veroorzaakten de meeste branden grote schade.
Grote branden verwoestten grote delen van de stad. De brand van 1651 verwoestte
90% van alle gebouwen. De brand van 1681 leidde tot een bijna totale
reconstructie van de stad onder Generaal Johan Caspar von Cicignon uit
Luxemburg. Brede straten zoals de Munkegaten werden toen aangelegd, zonder dat
daarbij gekeken werd naar eigendomsrechten, om te dienen als buffer bij volgende
branden. Dit gaf de toenmalige stad met ongeveer 8000 inwoners een zekere flair.
Na het vredesverdrag van Roskilde van 26 februari 1658 werd Trondheim (samen met
de rest van Trøndelag) voor een korte periode Zweeds gebied; het gebied werd na
10 maanden terugveroverd. Het conflict werd definitief beslist door het
Vredesverdrag van Kopenhagen van 27 mei 1660.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Trondheim, vanaf april 1940 (op de eerste
dag van de invasie van Noorwegen): Operatie Weserübung, tot aan het einde van de
oorlog in Europa in mei 1945, bezet door de Duitsers.
Tijdens de Duitse bezetting werd het een belangrijke basis voor onderzeeërs
(DORA 1). Er werd ook een plan opgesteld om een nieuwe stad voor 250.000
inwoners te bouwen, Neu-Drontheim, dat 15 km zuidoostelijk van Trondheim zou
moeten komen te liggen, bij de wetlands van Øysand aan de rand van de gemeente
Melhus. De nieuwe stad - de noordelijke hoofdstad van het Germaanse Scandinavië
- had de toekomstige Duitse marinebasis moeten worden van de Noord-Atlantische
regio, en tevens de grootste Duitse marinebasis.
We vinden het een mooie stad, met veel houten
huizen en gebouwen. We bezoeken de kathedraal, het bisschoppelijkmuseum, de
kroonjuwelen en het leger- en verzetsmuseum. Allemaal reuze interessant en
allemaal vlak naast elkaar. Om vier uur sluiten alle officiële gebouwen, dus
wandelen we nog wat door de stad. Bezoeken nog een oude kerk en de oudste brug
van Trondheim. Die brug is een beetje nep (geschiedsvervalsing), een mooie
houten opbouw, maar wel op een betonnen constructie. Bij 7-eleven kopen we een
kyling calzone en wat te drinken en eten dat lekker op een bankje in de zon op.
We gaan terug naar de parkeergarage en gaan op weg naar de camping. In een mega
winkelcentrum ten zuiden van de stad doen we de inkopen voor het avondeten.
Inmiddels is het wat gaan miezeren. Het is erg stil op de camping, vooral in
vergelijking met gisteren. We gaan samen eten koken. Jenny belt met Sander dat
we van plan zijn morgen bij hem en Paulien te komen. Sander is de zoon van een
zus van Jenny, die nu al weer een paar jaar, samen met Paulien in Noorwegen
woont. Na het eten ons vertrouwde ritueel in de vakantie: een wandelingetje een
kopje thee, wat schrijven en lezen en een glaasje drinken, voordat we naar bed
gaan.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 20 |
zaterdag 29 augustus 2009 |
Het heeft vannacht behoorlijk geregend en als we
de tent uitkomen is het wel zonnig, maar er is ook veel wind en het is
behoorlijk fris. Na het douchen en het ontbijt breken we ons boeltje weer op. We
zijn wel echte nomaden deze vakantie, alles gaat gelukkig weer droog mee. We
vervolgen eerst nog een stukje de E6 naar het zuiden. Bij Støren gaan we naar
het oosten via de 30 naar Haltdalen, waar Sander en Paulien wonen. Om 12 uur
staan we al op hun erf, gisteren had Sander al verteld dat ze vandaag eerst naar
Trondheim (een goede honderd kilometer) moesten om in de bouwmarkt wat spullen
voor hun huis te kopen.
Wij rijden dus door naar Røros, een oude mijnstad
die in 1980 op de Werelderfgoedlijst van de Unesco is geplaatst. In het
beschermde stadscentrum zijn twee straten met houten huizen zoals Rammgård
(1857) en de kerk Berstadens Ziir (1784). Er is een openluchtmuseum voor
industriële geschiedenis (Rørosmuseet). In de 17e eeuw werd hier een kopermijn
geopend. De koperindustrie ontwikkelde zich en hield drie eeuwen stand. Bij het
aanbreken van de Tweede Wereldoorlog was de mijnbouw vrijwel verdwenen. Later
volgde een korte opleving toen efficiëntere methoden voor koperwinning werden
ingezet, maar in 1977 viel het doek definitief.
Røros is erg toeristisch en ook vandaag is het er druk, we wandelen wat rond.
Daarna rijden we terug naar Haltdalen en zetten de tent vast op. Als we bijna
klaar zijn komen Sander en Paulien er ook aan. We hebben elkaar al een hele poos
niet meer gezien en gaan eerst in hun gezellige (tijdelijke) huis theedrinken en
bijpraten. We hebben eten wat op moet, dus koken we zelf. Na het eten maken we
een lange wandeling de berg verder op. Het is een militair oefenterrein, met een
aantal schietbanen. Sander had ons al verteld dat als er geen rode vlag hangt,
we daar rustig kunnen wandelen. Het is een prachtig bosrijk gebied, met heel
veel paddenstoelen. Het wild dat we zien: een vleermuis (levend) en een
spitsmuisje (dood). Het is al donker als we weer bij de tent komen. Het licht
bij Sander en Paulien is al uit, dus kruipen wij na ons slaapmutsje ook maar
onder ons dekbedje.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 21 |
zondag 30 augustus 2009 |
Vannacht heeft het behoorlijk gestormd. Maar we
hebben heerlijk geslapen. Na het ontbijt gaan we om een uur of tien met Sander
en Paulien naar hun land. Ze hebben een stuk berg gekocht, met daarop een oud
huis en een schuur. Ze zijn er een nieuw huis aan het bouwen. Ze hebben de hele
dag voor ons vrij gemaakt. Het huis waar ze nu wonen ligt op de oostelijke
helling van een berg. We rijden helemaal naar het dal, gaan de rivier over en
bekijken daar de mooie staafkerk en het gebouw dat hij, als timmerman net
gerestaureerd heeft. We vervolgen de weg aan de andere kant en gaan de
tegenoverliggende berg op. Vanuit hun huis lijkt het een klein stukje (je kunt
het dak van de schuur bij het nieuwe huis zien), maar het is toch acht kilometer
rijden.
Aan het begin van de weg die toegang tot hun
landgoed geeft staan aan beide kanten grote fleurige bloemen van hout, die
Paulien gemaakt heeft. We rijden eerst door hun stuk bos en na een bocht in de
weg zien we hun nederzetting. Een mooi oud houten huis in originele staat, een
grote schuur en een groot huis in aanbouw, met daarachter een heel groot
weiland. Het oude huis is vijftig jaar geleden verlaten, maar verkeert nog in
prima staat. Het lijkt net op een huis uit het openluchtmuseum dat we in
Stockholm hebben bezocht.
Door het vriesdrogen rot het hout niet, dus zo’n
houten gebouw gaat hier eeuwenlang mee. De vorige eigenaar heeft, net zoals in
de schuur, allemaal spullen achter gelaten en we vallen van de ene verrassing in
de andere. Schitterende antieke kachels, arrensleden, paardentuig en allerlei
gereedschap. Het is de bedoeling dat het oude huis het atelier van Paulien wordt
(ze is grafisch ontwerper) en de schuur de werkplaats van Sander. Als het nieuwe
huis klaar is wil hij die gaan restaureren. Daarna bekijken we het nieuwe, in
aanbouw zijnde huis. Het is ontworpen door Paulien. De constructie is helemaal
van hout en met de tekeningen erbij hebben we een goede indruk hoe het gaat
worden. Het wordt erg groot en is nu al schitterend. Vanuit de woonkamer een
prachtig uitzicht op het dal, met de rivier en de tegenoverliggende berg, uit de
keuken op het bos en het weiland en uit de eetkamer op het oude huis en de
schuur. De afmetingen zijn enorm. Alles staat op een betonnen onderhuis, waar
een gastenverblijf komt, compleet met kamer, keuken, slaapkamer en sauna. Het is
de bedoeling dat het dak de komende twee weken onder de pannen komt, zodat
Sander komende winter binnen door kan werken. Ongelooflijk dat hij in de
afgelopen anderhalf jaar zoveel werk heeft verzet. Ze staan er, terecht erg
trots bij, alles uit te leggen.
Dan is het tijd voor koffie. Op de vuurplaats
wordt een vuurtje gestookt en krijgen kokekaffe uit de svartkjele og vaffler
(kookkoffie uit het zwarte keteltje met versgebakken wafels). Het smaakt
uitstekend, mede door de schitterende omgeving en de sfeer. De vorige eigenaar
van het huis komt ook nog langs. We merken dat Sander inmiddels ook uitstekend
Noors spreekt. Die oude eigenaar vertelt dat hij erg blij is dat Sander en
Paulien het landgoed hebben gekocht en er zoiets moois van maken. Hij was bang
dat er een paar hutten opgezet zouden worden als recreatiewoningen en dan weer
doorverkocht zou worden.
Het weer slaat plotseling om, wat is dat hier toch onvoorspelbaar. Sander en
Paulien laten ons daarna de wijde omgeving zien. Een waterval met springende
zalmen en Hessdalen, waar regelmatig vreemde lichtverschijnselen worden
waargenomen. In december 1981 begonnen de bewoners in de vallei vreemde
verschijnselen te zien, die meestal werden gemeld als een licht of ufo. Deze
lichten kwamen zeer vaak te voorschijn; tot twintig waarnemingen per week werden
er gemeld. Deze hoge frequentie hield aan tot de zomer van 1984. Op dat moment
nam de frequentie af tot zo'n twintig per jaar, wat ook het huidige aantal is.
Ook bekijken we de zomerboerderijen van de inwoners van de omgeving, eenvoudige
hutten, waar ze vroeger in de zomer met hun vee verbleven. Ze worden setes
genoemd. Tegenwoordig worden ze voornamelijk als weekend/vakantiehuisje
gebruikt. Het is ook hier weer prachtig, de meeste stukken boven de boomgrens,
met veel meertjes en zoals ze in Afrika zeggen “fynbos”.
Weer thuisgekomen drinken we thee. Als avondeten
krijgen we lekkere eigen gemaakte vissoep, broodjes met allerlei lekker beleg en
ijs toe. Ze hebben zich wel uitgesloofd zeg.
Na het eten even uitbuiken. We
hebben gisteren cantharellen gezien. Sander wil graag weten waar ze staan. Dus
gaan we met z’n allen op pad. We maken min of meer dezelfde wandeling die Jenny
en ik gisterenavond ook gemaakt hebben. We vinden de plek met cantharellen weer
terug. Met een grote volle zak met cantharellen komen we weer thuis. We drinken
nog koffie. Paulien heeft een heerlijke taart gebakken, met rabarber,
sinaasappel en amandelen, die we ons goed laten smaken. We nemen afscheid van
Sander, die morgen weer vroeg naar zijn werk moet en beloven hem, dat als zijn
huis klaar is, we zeker nog een keer komen kijken.
Daarna gaan we naar de tent en luisteren nog wat naar de Wereldomroep.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 22 |
maandag 31 augustus 2009 |
Vanmorgen zijn we pas om half negen wakker
geworden en pakken ons boeltje weer in. Vannacht heeft het weer behoorlijk
geregend, maar bij het inpakken is het droog en zelfs de tent kan droog mee. We
nemen afscheid van Paulien en krijgen nog een flink stuk taart mee voor
onderweg. Daarna weer op weg richting Oslo via Røros, Alvdal, Atna, Elverum en
Gardermoen. Het heeft een groot stuk van onze route van vandaag, flink geregend.
Net voor Oslo eten we bij een bekende hamburgertent. Het viel niet tegen: een
chiabatta, met baconhamburger en frietjes.
Op een informatiebord lezen we dat er
na morgen nog maar één camping in Oslo open is, de anderen sluiten dan want het
seizoen is hier voorbij. De camping, die Bogstad heet, ligt in Røa, een voorstad
even ten noorden van Oslo. Om half zes komen wij bij de camping aan. Het is een
grote camping en het is er behoorlijk druk. Er is erg lage bewolking, waardoor
het afwisselend miezerig en mistig is.
De tent staat redelijk snel.
Het is inmiddels ook wat opgeklaard. Na de thee, met de taart van Paulien gaan
we de buurt verkennen.
Bij de receptie zien we dat de weersverwachtingen voor de
komende dagen redelijk is. Een bushalte, naar het eerste het beste metrostation,
staat voor de poort. Omdat het nu weer lekker buiten is en we de hele dag bijna
in de auto hebben gezeten besluiten we naar het centrum van Røa te wandelen. Het
blijkt nog een behoorlijke tippel te zijn. Wel komen we langs de ingang van de
metro (een beetje verstopt) en kopen vast een dagkaart voor morgen, die we
gelijk in de bus kunnen laten afstempelen. Hij kost 654 Noorse kronen, dat is
omgerekend ongeveer € 8,00. Dat valt dus weer behoorlijk mee. Als we na twee uur
flink doorlopen weer op de camping zijn is het inmiddels al flink donker
geworden. De wijn die we uit Nederland hebben meegenomen is nog steeds niet op,
evenals de blikjes bier die we in Trondheim hebben gekocht. We nemen nog een
slaapmutsje en gaan weer op tijd naar bed.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 23 |
dinsdag 1 september 2009 |
Een nieuwe maand en een voor ons nieuwe stad. Na
het douchen en het ontbijt gaan we met de bus naar het centrum van Røa (wat
hebben we gisteren een eind gelopen!) en pakken daar de metro (t-banen) naar het
station Majørsstuwen. Van dit station wandelen we naar het Vigelandpark, wat een
onderdeel is van het Frognerpark. Het telt 212 stenen en bronzen beelden, die
alle tussen 1907 en 1942 zijn gemaakt door de Noorse beeldhouwer Gustav
Vigeland.
Veel beelden symboliseren de kringloop van het
menselijk leven. Onderaan de brug is de ontwikkeling van een embryo tot een
kleuter te zien, terwijl rondom de Monolitten alle levensstadia van de mens te
zien zijn. Op de monoliet zelf staan op elkaar klimmende menselijke figuren
afgebeeld.
Gustav Vigeland werd geboren in Mandal in de provincie Vest-Agder. Hij kreeg in
zijn jeugd een opleiding tot houtsnijder en volgde aansluitend een
beeldhouwstudie bij Brynjulf Bergslien. Hij kreeg zijn eerste tentoonstelling in
1889 met het werk Hagar og Ismael (1889), sterk geïnspireerd door het
neoclassicistische voorbeeld van Bertel Thorvaldsen. Vigeland volgde korte tijd
avondklassen aan de Koninklijke Tekenacademie en werkte in 1890 in het atelier
van de beeldhouwer Mathias Skeibrok.
In 1891 kreeg hij een beurs van de Noorse staat, hetgeen hem in staat stelde om
een jaar in Kopenhagen in de studio van Vilhem Bissen te werken. Hij creëerde
hier zijn eerste naturalistische beeldengroep, Sovende kvinne (1892). Hij
verbleef in 1893 enkele maanden in Parijs, waar hij het atelier van Auguste
Rodin diverse keren bezocht en zeer onder de indruk raakte van diens werk La
porte de l'enfer. Terug in Noorwegen maakte hij zijn eigen, daarop geïnspireerde
werk, een groot reliëf Helvete.
In 1895 trok Vigeland naar Berlijn, waar hij bijna vier maanden bleef en Duitse,
Poolse en Scandinavische kunstenaars ontmoette, waaronder Stanislaw
Przybyszewski en Edvard Munch, waarmee hij bevriend raakte. Van beiden maakte
hij een buste, die helaas verloren zijn gegaan. Het enige werk dat nog uit zijn
Berlijnse periode bewaard is gebleven is de beeldengroep de nedbøyde. Na Berlijn
reisde Vigeland verder naar Florence. Hij keerde in 1896 in Noorwegen terug.
In de tweede helft van de negentiger jaren van de negentiende eeuw beleefde
Vigeland een moeilijke periode met weinig opdrachten. Medewerking aan de, sinds
1869 aan de gang zijnde, restauratie van de gotische Nidaroskathedraal van
Trondheim betekende een ommekeer. Hij leverde in 1897 voorstellen en schetsen
aan, aan de architect en ontving in 1898 de opdracht voor een beeld van de
Noorse beschermheilige Sint-Olaf. Nog hetzelfde jaar trok hij naar Trondheim en
maakte in 1898 in een primitief atelier 16 gargouilles (waterspuwers) voor de
toren van de kathedraal.
Hj creëerde er uiteindelijk 44 modellen voor
sculpturen. Tot de bekendst uitgevoerde werken behoren: zeven eikenhouten,
beschilderde beelden voor het interieur van de kathedraal van onder anderen: de
profeet Elia (1899), Maria (1899), diverse engelen (1898-1902) en een crucifix
(1902).
Na 1900 legde Vigeland zich toe op een meer realistische stijl, waarbij de
menselijke figuur en de verhouding man - vrouw centraal stond. Voorbeelden uit
deze periode zijn: de marmeren beelden Ung mann og kvinne (jonge man en vrouw),
Torso, Mor og bann (moeder en kind) en de gipsen beelden Mann og kvinne (man en
vrouw) en Tiggerne (bedelaars).
Rond 1913 herzag Vigeland zijn stijl weer, minder detaillering en grotere
volumes, onder invloed van de in heel Europa aan de gang zijnde veranderingen in
de beeldhouwkunst. Bekend is dat Vigeland foto's had aangeschaft van Henri
Matisse's sculpturen en in het kubisme geïnteresseerd was. Dit alles leidde rond
1913-1915 tot zijn wens alleen nog in een hardere steen, zoals graniet, te
hakken. Een bekend voorbeeld is het beeld Piken på reinsdyret (Meisje op een
rendier, 1920).
In 1914 ontwierp hij een eerste plan voor een
monumentaal werk in een park, een beeldenpark met meerdere beeldengroepen rond
een fontein. Hij ging zijn werkwijze afstemmen op het ontwerpen voor de openbare
ruimte. Zijn plan werd werkelijkheid met het Vigelandsanlegget.
Vigelands minst bekende werken zijn de constructies in smeedijzer, zoals de
hekwerken voor het Vigeland Park en kleiner vrijstaand smeedwerk zoals
Smijernsdrager (hagedissen, ca. 1930). Vanaf 1928 had Vigeland de beschikking
over een eigen smederij in Frogner.
Vigeland overleed in 1943. Zijn as wordt nog steeds bewaard in de klokkentoren
van de studio bij het Frogner Park, waar hij sinds 1924 woonde en werkte.
Het geheel is schitterend, maar het doet wel een beetje denken aan de nazikunst,
die ik in Berlijn heb gezien. Er zijn veel joggende mensen en
“barnhagen-kinderen” en hun begeleiders in het park.
Van het Vigelandpark gaan we met de tram naar het havengebied (het eind van de
Oslofjord). Vandaar wandelen naar de terminal van de veerboot naar Kiel (de
Colorline). We komen op de verkeerde tijd (13.00 uur), een uur voor de afvaart.
Het is ontzettend druk. We gaan met de bus dan maar richting centrum.
Oslo is een groene stad, met erg veel parken en
nog meer beelden. Na een poos rondgekeken te hebben gaan we terug naar de
terminal om te boeken voor morgen maar zijn net te laat, de loketten zijn
gesloten. We lezen dat ze morgen om elf uur open gaan. Dan moeten we daar morgen
dus op tijd zijn. Met de bus weer terug naar de stad. Bij 7-eleven, naast het
stadhuis, werken we onze web-log bij en lezen de reacties en onze mail. Weer
verder met de bus, bezoeken we de erebegraafplaats, Vår Frelsers gravlund, een
oud kerkhof met mooie grafmonumenten. We vinden het graf van Ibsen.
Moe van het vele lopen nemen we zo maar een tram en laten ons rondrijden. Als we
uitgerust zijn stappen we ook zo maar ergens uit. We horen live muziek in de
verte en lopen er naar toe. Eerst denken we dat het, het Leger des Heils is,
maar als we dichterbij komen blijkt het de “Noorse Jostiband” te zijn. Er is ook
een majorette korps bij. Ze geven een leuk fanatiek optreden. Als het optreden
afgelopen is nemen we de tram weer richting Majørsstuwen, maar eerst doen we nog
wat inkopen voor Maartje in een leuke winkel “Granite”. Het zijn allerlei design
dingen voor haar nieuwe huis.
We gaan een beetje chique uit eten, het is immers
onze laatste dag in Scandinavië, het wordt een Mexicaans restaurant. Het is
heerlijk en de bediening is ook uitstekend.
Met de metro en de bus rijden we terug naar de camping. Als we bij de camping
aangekomen zijn begint het wat te miezeren. We maken de restjes wijn en bier op
en gaan vroeg onder de wol, voor ons laatste nachtje in Oslo.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 24 |
woensdag 2 september 2009 |
Ik ben vroeg wakker, omdat ik moet plassen. Er is
een strak blauwe lucht, met een lekker briesje. Als het zo blijft kunnen we
alles mooi droog meenemen. Om acht uur zitten we aan het ontbijt, daarna pakken
we alles in. Ook een kleine tas voor vannacht, want één keer op de boot kunnen
we niet meer bij de auto. De jongen bij de receptie van de camping had ons al
uitgelegd hoe we het makkelijkst naar de boot konden rijden. Het is een
eenvoudig ritje naar de kade van de Colorline, we hoeven gelukkig niet heel Oslo
door.
Om elf uur hebben we de tickets en kunnen gelijk
inchecken. We moeten nog wel een poosje wachten, want om één uur mogen we de
boot pas op. Het weer is weer omgeslagen, we krijgen een paar pittige regenbuien
over ons heen. Hebben wij even geluk gehad dat we alles droog hebben kunnen
inpakken. Het is redelijk druk, ook veel vrachtwagens moeten de boot op. Het is
een mooie luxe boot; de Colour Magic, bouwjaar 2007. We hebben een binnenhut op
het 10e dek. Nadat we onze spullen hebben uitgepakt gaan we het schip verkennen.
Het is net een grote stad, met alles er op en er aan.
Precies om twee uur meert
de boot af, de overtocht duurt 20 uur. We varen langs Denemarken naar Kiel.
Het duurt een paar uur voordat de boot het fjord uit is. Om vier uur gaan we
eten, er zijn allerlei restaurants aan boord, van eenvoudig tot heel luxe. We
gaan naar de Italiaan. Jenny neemt pasta en ik een pizza. We kijken daarna nog
wat rond op de boot en gaan dan naar de hut om een tukje te doen.
Om zeven uur is er een show in het theater,
uiteraard willen we alles meemaken en gaan kijken, maar halverwege de show wordt
die gestaakt. Er is te veel deining. We gaan maar wat taxfree inkopen doen.
Jenny voelt zich wat
zeeziek dus gaan we naar één van de buitendekken. We zien
een schitterende zonsondergang en ook daarna is er nog een schitterende lucht.
De misselijkheid van Jenny is gelukkig gezakt en we gaan terug naar onze hut. Na
een slaapmutsje en wat tv kijken kruipen we onder de wol.
Foto's gemaakt op deze dag:
| dag 25 |
donderdag 3 september 2009 |
Als we wakker worden zijn we al een flink eind
opgeschoten. Via de tv kunnen we op een kaart zien dat we de Duitse kust al
naderen. Na het ontbijt gaan we aan dek, we varen de haven van Kiel binnen, het
is een drukte van belang, vooral veel marineschepen. Het schip moet keren om
achteruit de aanlegkade in te varen. Ik vind het een wonder van stuurmanskunst
dat zo'n groot schip zo nauwkeurig (op de millimeter) bestuurd kan worden.
Precies om tien uur is de boot afgemeerd en mogen
we weer naar de auto. Het ontschepen gaat gesmeerd en even later rijden we al
weer, nu op de Duitse autobaan. Er zijn veel wegwerkzaamheden, maar gelukkig
geen files. We rijden via Bremen, Osnabrück, Enschede en Amersfoort.
Om een uur
of vijf rijden we onze eigen straat weer in. Een schitterende reis, met
eigenlijk te veel indrukken om tijdens één vakantie te kunnen bevatten.
Foto's gemaakt op deze dag: