Reisverslag
Jenny en Herman Brouwer
deel 1
17 juni t/m 7 juli
Zaterdag 17 juni 2006
Afgelopen nacht hebben we prima geslapen om goed kwart over zes zijn we vanzelf
wakker geworden. Rustig ontbijten en inpakken en om half acht beginnen we onze
reis. Het is erg rustig op de weg. Als we uit Beverwijk vertrekken schijnt de
zon al volop. Bij Apeldoorn wordt de lucht grijs, de thermometer geeft aan dat
de buitentemperatuur 16.6° C is. Om 9 uur zijn we al ter hoogte van Wierden. Het
blijft opvallend rustig op de weg. Na zo’n 2˝ uur rijden, inmiddels zijn we al
een eindje in Duitsland, raakt ons gas op en moeten we tanken. In Duitsland
wordt met een andere connector gewerkt, maar met vriendelijke hulp en uitzoeken
uit de connectordoos, lukt alles prima. Onderweg hebben we nog een poosje
behoorlijke regen.
Om 4 uur zijn we al 750 kilometer verder en in Dresden. Na enig zoeken en navragen hebben we de camping al snel gevonden. Om 5 uur hebben we de tent opgezet en ingericht en om kwart voor zes gaan we met de stadsbus richting centrum. Het openbaar vervoer is nog goedkoop € 5,50 voor een familiekaart, die 24 uur geldig is. De verbinding tussen de camping en de stad is prima. In ± 30 minuten zijn we in het centrum met bus en tram.
Dresden is een vreemde combinatie van Ost-bau en weer opbebouwde oude gebouwen. Het weer is in Dresden schitterend. De telefoon werkt niet, dus hebben we Zwaantje maar even vanuit een telefooncel gebeld dat we goed zijn aangekomen. Om half tien zijn we weer bij de tent, luisteren het nieuws met de wereldontvanger en voor 12 uur slapen we.
Zondag 18 juni 2006
Om zes
uur wakker door een volle blaas, daarna nog tot acht uur door geslapen. Lekker
langzaam ontbijtje met Volkskrant, sapje, broodje, crackertje thee en koffie. We
hebben een rustige nacht gehad. De camping ligt wel dicht bij een vliegveld,
maar vannacht hebben we niets gehoord. We zijn natuurlijk ook wel het een en
ander gewend thuis. Veel mensen op de camping breken op, die moeten morgen zeker
weer aan het werk.
Om kwart over elf lopen we richting bus en om kwart voor twaalf zijn we op de Neustädter Markt. Via een mooie laan met bomen aan weerzijden (de Hauptstraβe) lopen we richting Albertplatz. Halverwege de Hauptstraβe staat de Drei Königs-Kirche. Die tijdens de tweede wereldoorlog bijna geheel vernietigd is. De toren is redelijk onbeschadigd uit de strijd gekomen. De kerk is mooi herbouwd, het zwaar gehavende altaar en de originele toren is opgenomen in het nieuwe ontwerp. Op de Albertplatz staan twee mooie fontijnen en voor café Kästner staat het Erich Kästner denkmal. We lopen weer terug richting Neu Neustädter Markt en gaan de brug over naar de Altstad.
We
lopen over de Theaterplatz, langs de Semperoper en nu is het tijd de Zwinger
eens goed te bekijken. Gisterenavond zijn we overal zo’n beetje langs gelopen om
een eerste indruk van de stad op te doen. De Zwinger is een wulpse barokke
pronkvesting gebouwd in opdracht van August der Starke tussen 1710 en 1732. De
versieringen doen ons nogal overdadig aan. Het Glockenspielpavillion heeft 40
klokken van Meissner porselein.
In de nachten van 13 en 14 februari 1945 werd Dresden, dat in militair opzicht volkomen onbelangrijk was, door Amerikaanse en Engelse vliegtuigen gebombardeerd. Binnen twee dagen was de stad in 18 miljoen mł puin veranderd. Vanaf 1945 ontstond een nieuw stadscentrum een deel van de oude gebouwen werd in de originele stijl herbouwd, waarbij oude foto’s, schilderijen en films de enige aanknopingspunten vormden. Ook zijn er vele lelijke “Ost”-betonkolossen neergezet. Na de wende wordt toch zo veel mogelijk geprobeerd het oude stadsgezicht terug te reconstrueren.
Een
goed voorbeeld hiervan is de Frauenkirche:
de reconstructie is net klaar en begin dit jaar is de feestelijke heropening geweest. Deze kerk was ooit de belangrijkste protestantse kerk van Duitsland. De stenen koepel rijst weer 95 meter hoog op en siert een vierkant gebouw dat de breuklijn van barok en classicisme, met veel pracht en praal, weerspiegelt. Jaren lang was de grote puinhoop een herinnering aan de verschrikkingen van de oorlog. De lelijke gebouwen die rondom de kerk gebouwd werden na de oorlog worden langzamerhand vervangen door replica’s van de originele gebouwen die er ooit stonden. Op het plein voor de kerk staat een informatie gebouwtje waar films vertoond worden die dat hele restauratie proces laten zien.
De
Kreuzkirche ligt er vlak bij, tussen 1946 en 1955 is alleen de buitenkant
herbouwd, de kerk was oorspronkelijk erg oud, met de bouw is al in de eerste
helft van de 13e eeuw begonnen. We komen langs een internetcafé en
willen, vooral omdat de telefoon het niet doet even met het thuisfront mailen en
hen op de hoogte stellen van hoe het ons vergaat. Jenny komt op het idee ook een
mailtje te sturen naar de telefoonmaatschappij, met de vraag waarom de telefoon
niet werkt. Als we geinternet hebben zijn we ook weer op de hoogte van het wel
en wee in Vriezenveen en gaan bij de Turk eten. Ook in Dresden zie je veel
allochtonen, vooral ook Aziatisch uitziende mensen (Chinezen, Vietnamezen?).
We zijn
inmiddels al behoorlijk moe geworden en besluiten met de tram een rondrit door
de stad te maken. In een buurt met veel “Ost”-flats is een mooi park. We stappen
uit, dicht bij de dierentuin. In het park zijn veel spelende mensen. Het ziet er
gezellig en ontspannen uit. We zijn weer aardig uitgerust en wandelen terug naar
de Altstad. We eindigen op de Brühlse Terrasse, een flaneerterras, met een mooi
uitzicht op de Elbe. Het wordt ook wel het “balkon van Europa” genoemd. Het
terras is gebouwd op een oude fortificatie. Rijksgraaf Heinrich van Brühl liet
de muur in een lustpark veranderen en bouwde er een paleis, een bibliotheek en
een kunstgalerie. In 1814 mochten de gewone burgers er ook komen en sinds toen
is het een geliefde, toeristische ontmoetingsplaats. Op de kades voor het terras
liggen een aantal raderboten, waarmee rondvaarten gemaakt kunnen worden. Via een
andere brug lopen we terug naar de Neustad, waar we tram naar de bus nemen die
ons weer naar de camping brengt.
Onderweg komen we een vreemd, maar mooi modern gebouw tegen. Op de tramhalte zien we dat de halteplaats Neue Synagoge is. In 1938 is de oude synagoge in de zogenaamde Kristalnacht door de Nazis vernield. In 2001 is dit bouwwerk bedacht door de architekten: Nikolaus Hirsch, Wolfgang Lorch en Andrea Wandel, gereed gekomen. In eerste instantie lijkt het gebouw uit twee grote kubussen te bestaan, maar er is geen één muur recht, iedere laag stenen verspringt net een paar centimeter het geeft een vreemd maar mooi schouwspel.
Een vermoeiende maar interessante eerste echte vakantiedag.
Maandag 19 juni 2006
Al weer
vroeg wakker, onze ingebouwde wekker werkt nog steeds goed. Het is weer lekker
zonnig en de temperatuur is zeer aangenaam. We volgen ons gewoonlijke ochtend
ritueel, uitgebreid ontbijten, koffie en dan langzamerhand weer op pad. Om goed
half elf staan we weer op de bus te wachten. De vorige dagen zijn we verder
gereisd met tramlijn 13. Nu blijkt die opeens een heel andere route te rijden.
Uiteindelijk leidt elke weg naar Rome, zo ook deze keer komen we weer bij een
bekend punt uit. Waar we op tramlijn 1 verder kunnen rijden naar Pillnitz, een
voorstadje van Dresden.
Aan de
rechteroever van de Elbe staat Schloss Pillniz, met de pont varen we naar de
overkant. Tussen 1720 en 1723 werd dit laatbarokke complex geschapen. Direct aan
de Elbe ligt het Wasserpalais, de trappen leiden direct naar de voormalige
aanlegplaats van de vorstelijke gondels, er tegenover, gescheiden door een tuin
ligt het Bergpalais. Alles straalt een exotische sfeer uit door de gewelfde
daken en op China geďnspireerde schilderingen. Rondom de gebouwen zijn
schitterende tuinen aangelegd, hier wandelen we een tijdje rond. De lucht is
inmiddels dicht getrokken met wolken, die er steeds dreigender gaan uitzien. Met
de pont weer naar de linkeroever van de Elbe, als we net weer in de tram zitten
barst een hevig onweer los. In korte tijd vallen er bakken water uit de lucht,
we blijven in de tram zitten tot het weer wat minder wordt. Als de tram in de
Neustad komt besluiten we in het Japanisches museum de tentoonstelling over
800(0) jaar Dresden te gaan bekijken. Overal in de stad hangen er affiches over
deze tentoonstelling. Het is een leuke tentoonstelling weergegeven in kartonnen
dozen. Het museum zelf wordt grondig gerestaureerd en gerecontrueerd.
Als we
de tentoonstelling bekeken hebben is het inmiddels ook weer droog. We wandelen
terug naar de Altstad en eten daar in een visrestaurant. We lopen via het
Residenzschloss richting Kathedrale
St. Trinitas / Hofkirche. Dit slot is een uit een middeleeuwse burcht ontstaan renaissanceslot van de Saksische Keurvorsten en koningen. Ook dit gebouw is door de oorlog geheel vernield. Momenteel legt men de laatste hand aan de reconstructie.
De kathedraal is de grootste kerk van Sachsen en is ontworpen in Italiaanse barokstijl. Er is een schitterende uit houtgesneden kansel. Een zijkapel is ingericht als oorlogsmonument. Er zijn weinig monumenten in Dresden die herinneren aan de verschrikkingen van de wereldoorlog en met name aan de bombardementen die de stad zo hebben vernield. Het zal waarschijnlijk nog wel te pijnlijk zijn.
Met de
tram naar de Loschwitzer Brücke het zogenaamde Blaues Wunder, deze brug verbindt
de stadsdelen Loschwitz en Blasewitz met elkaar. De stalen hangbrug dateert uit
1893.
Als we bij de brug staan begint het te spetteren, we kunnen nog net wat beschutting van een muur vinden. Opnieuw barst een hevig onweer en een verschrikkelijke plensbui los. De weg staat in no-time blank. Gelukkig hebben we een paraplu bij ons die ons nog een beetje beschermt. Als de bui wat minder wordt gaan we naar de tramhalte, waarna we al gauw in kunnen stappen. In deze tram zitten we naast en tegenover een “Mister Bean”- look-a-like. Hij heeft al zijn tics en eigenaardigheden, dat is dus wel weer even genieten. Ons valt op dat hier in Dresden alles zo schoon is. Nergens ligt er vuiligheid op de straat, zelfs de kauwgommetjes gaan in de prullenbak. Met de tram komen we op de Carolaplatz, waarvandaan we de tram naar de bus voor de camping kunnen nemen. We bellen hier nog even naar huis. Alles is ok in Nederland. Goed acht uur zijn we weer op de camping, het spettert nog steeds, we zitten met een vest aan aan de borrel.
Dinsdag 20 juni 2006
Gelukkig is het vannacht opgeklaard en als we om acht uur wakker worden is de
tent al bijna droog. Na het ontbijt en het op- en afruimen zijn we om 10 uur op
weg naar Tsjechië. We moeten heel Dresden door rijden van noord naar zuid, maar
dat gaat prima, want alles is prima aangegeven. Ook is het heerlijk rustig op de
weg. De weg leidt door het Ertsgebergte , het is een mooie landelijke weg, door
glooiende bergen.
Deze
streek staat bekend om de ligniet mijnen. Een soort bruinkool, die in dagbouw
werd gedolven. Om één uur zijn we al op de camping in Brozany nad Ohri. Een
dorpje dicht bij Terezin, het voormalige Theresiënstadt. Het is een mooie
camping aan een meertje en in het bos. Het is inmiddels behoorlijk warm geworden
zo’n 30°C. Nadat alles staat gaan we de buurt een beetje verkennen. We komen al
rijdend in Litomerice een leuk stadje. We doen hier boodschappen in een
supermarkt ( een mega Spar) en staan versteld van het assortiment. Ook komen we
bij een internetcafé. De kosten moeten per minuut betaald worden, 1 Kroon, dat
is omegerekend € 0,03. Onze web-log kunnen we bijwerken en het nieuws uit
Nederland lezen. De beheerder van het internetcafé is een aardige jongen, die
ons opweg helpt met het toetsenbord, dat net anders werkt als in nederland. Op
de terugweg naar de camping eten we in een chauffeurs café. We hebben allebei
onze buik vol, inclusief drinken voor omgerekend een tientje. Dat wordt deze
vakantie dus niet koken. Het is een lekkere zwoele zomeravond helaas zijn er wel
veel muggen. We hebben DEET mee, overgehouden uit Afrika dat helpt gelukkig
wel.
Na het douchen om een uur of tien breekt een hevig onweer los en weer regent het behoorlijk. De tent laat gelukkig geen spatje door. We zijn erg tevreden met deze tent. Hij staat in een kwartiertje, we hebben meer dan voldoende ruimte, kunnen er rechtop instaan, is lekker luchtig en fris, maar ook zo warm als het koud is.
We drinken de borrel dus maar binnen deze avond, hopelijk slaat het weer niet om.
Woensdag 21 juni 2006 (de langste dag)
We hebben wel tot acht uur uitgeslapen. Het is gelijk drukkend warm en bewolkt. Deze morgen een ontbijt met spek en eieren. We doen ook maar een wasje en de afwas. Om elf uur na de koffie gaan we richting Litomerice naar het postkantoor voor een wegenfignet (nodig voor de grotere wegen). Dit hadden we eigenlijk gelijk bij binnenkomst in Tsjechië al moeten doen. Een erg aardige loketbediende helpt ons, met handen en voeten, pen en papier en het taalgidsje redden we ons prima. De loketbediende heeft er veel plezier om. Ook kopen we nog wat anzichtkaarten en postzegels voor Emma en Annemiek en Pa Dunnewind. Daarna rijden we naar Terezin, dat vlak bij ligt.
Tijdens de tweede wereldoorlog heette Terezin Theresiënstadt.
We
beginnen onze rondgang in het ghetto museum, in de grote vesting. Alles is hier
tot in de puntjes geregeld, de meneer achter de kassa vraagt uit welk land we
komen en dit wordt op de entreekaart gedrukt. Overal waar we komen krijgen we
dan automatisch Nederlandse folders en Nederlandstalige films te zien. Het is
overal erg rustig, maar het is natuurlijk ook nog geen vakantietijd. Wel zijn er
een aantal bussen met scholieren, die belangstellend alles volgen.
De vestingstad en het fort werden in de 18e eeuw gebouwd in opdracht van het Oostenrijks-Hongaarse rijk en genoemd naar de keizerin Maria Theresa. Zowel de rivier de Elbe en de Ohre stromen vlak bij het fort. De bouw startte in 1780 en duurde tot 1790; uiteindelijk besloeg het fort een oppervlakte van 3,89 km˛. Het is ontworpen in de stijl van Sébastien Le Prestre de Vauban en er waren ongeveer 5600 soldaten gestationeerd. Terezín werd tijdens oorlogen niet als vesting gebruikt. In de laatste helft van de 19e eeuw diende het fort als een gevangenis. Tijdens de Eerste Wereldoorlog deed het fort dienst als krijgsgevangenenkamp, waar ook de moordenaar van Franz Ferdinand stierf aan tuberculose. In de Tweede Wereldoorlog gebruikten de nazis Theresiënstadt als concentratiekamp.
Op 10 juni 1940 nam de Gestapo het bevel in Terezín over. Tsjechische en Moravische verzetstrijders werden gevangen gezet in het fort. Vanaf november 1941 zou de stad Theresienstadt (de Grote Vesting) dienst doen als getto voor gedeporteerde joden, daarmee was Theresienstadt een concentratiekamp geworden. Lang zaten de gedeporteerde Joden er niet, Theresienstadt was vooral een tijdelijk verblijfplaats (een doorgangskamp) voor joden die naar Auschwitz of andere concentratiekampen moesten.
Het
kamp Theresienstadt opende officieel haar deuren op 24 november 1941 door de
SS'er Reinhard Heydrich. Veel joden uit Tsjechoslowakije werden naar Terezín
gedeporteerd. In de zomer van 1942 werd de niet-joodse bevolking van
Theresienstadt weggestuurd. Onder de nieuwe bevolking bevonden zich vele
kunstenaars, musici en juristen, daardoor ontstond er een druk cultureel leven
in het getto. In het kamp zaten naast volwassenen zo'n 11.000 kinderen.
De Joodse getto-bevolking had een zekere mate van zelfbestuur 'De raad van ouderen'. Deze Raad had o.a. de taak om lijsten op te stellen wie gedeporteerd zouden worden en wie niet. Zou men weigeren mee te werken met de Duitsers, dan zouden simpelweg alle bewoners gedeporteerd en vermoord worden. Ondertussen werden de leefomstandigheden in Theresienstadt steeds slechter. Waar eerst zo'n 7000 Tsjechoslowaken hadden gewoond, waren nu 50.000 mensen gestationeerd. Er was weinig voedsel en alleen al in 1942 stierven er zo'n zestienduizend bewoners. Inwoners die zich verzetten tegen de Duitsers of anderzins iets deden dat volgens de Duitsers niet door de beugel kon, kwamen in het kleine Fort (de gevangenis) terecht, waar de leefomstandigheden nog belabberder waren.
In 1943 werden vijfhonderd joden uit Denemarken (die niet naar Zweden hadden weten te vluchten) naar Terezín gestuurd. De Deense regering stond er op dat het Rode Kruis toegang kreeg tot de gevangenen. Eind 1943 kreeg het Rode Kruis toestemming om in 1944 de stad te bezoeken. Daarop richtten de nazi's nepcafés en winkels op in het kamp, om het geheel de aanblik te geven van een normale woonplaats. Om de overbevolking voor het Rode Kruis verborgen te houden werden veel joden naar Auschwitz gestuurd; daardoor zaten de overgebleven gevangenen met niet meer dan drie mensen op een kamer.
Het Rode Kruis was 'tevreden' over de opvang van joden en rapporteerde dienovereenkomstig, men had zich laten bedotten.
De list
was zo succesvol dat er een propagandafilm over Theresienstadt werd gemaakt
(Theresienstadt: Ein Dokumentarfilm aus dem jüdischen Siedlungsgebiet) ofwel:
'Een documentaire uit het Joodse vestigingsgebied'. In de film wordt gedaan
alsof Hitler de Joden een mooie stad heeft geschonken. We zien 'blije' Joden
sporten, dansen, tuinieren, winkelen etc. Na de opnames werden zowel de cast als
de regisseur (Kurt Gerron) naar Auschwitz gestuurd en vergast. Met de film
wilden de Duitsers de geruchten rond concentratiekampen voor Joden de kop in
drukken. Het was de bedoeling dat de film via het Rode Kruis zijn weg rond de
wereld zou vinden, dat is niet gelukt. Bij de bevrijding van Theresienstadt werd
de film door de geallieerden gevonden - ook vandaag hebben we de film gezien in
het kamp.
Op 3
mei 1945 droegen de nazi's de controle over het kamp over aan het Rode Kruis en
op 8 mei werd Theresienstadt officieel door het Rode Leger bevrijd.
Theresiënstadt heeft de twijfelachtige eer om een reserveringskamp te zijn.
Hoewel de situatie in de overige reserveringskampen beduidend beter was, was ook
Theresienstadt bedoeld om mensen te sparen voor een ander doel: propaganda.
Van november 1941 tot april 1945 werden ca. 144.000 Joden gedeporteerd naar Theresienstadt, 33.000 van hen stierven in de stad zelf aan ontbering, ziekte, marteling of door executie. 88.000 Joden werden vanuit Theresienstadt gedeporteerd naar vernietigingskampen (vooral Auschwitz en Treblinka). Bij de bevrijding waren nog 19.000 gevangenen in leven. Van de gedeporteerde Joden die in vernietigingskampen terechtkwamen overleefden 3000 mensen. Van de 10.500 kinderen in het getto overleefden 142 de oorlog.
Op de terugweg naar de auto zien we op het marktplein een bijeenkomst van verstandelijk gehandicapten, het is een soort muziekfestival, met lekkere hapjes en veel plezier.
Met de auto gaan we naar de kleine vesting, ook hier is het weer indrukwekkend, het is verbazingwekkend hoe goed de Nazis alles georganiseerd hadden.
Ook hier zien we net als in Auswitch het opschrift “Arbeid macht frei”. Ook hier word je je weer bewust van de waanzinnige ideologie dat de ene mens beter zou zijn als de ander. En wat voor uitwerking dat heeft op mensen. Het is ook zaak in onze maatschappij waakzaam te blijven voor dergelijke ideeën en krachten.
Om zes uur worden we met vriendelijke woorden min of meer weggestuurd. In een hotel in Therezin gaan we eten, we willen graag traditioneel Tjechisch eten. Het wordt een soort rundvleessoep (wel wat aan de vette kant), zuurkool, met schweinebraten en knödels en als toetje een kopje koffie. Heel voedzaam en aan de vette kant. Niet helemaal onze smaak. Maar we moeten het toch een keer proberen.
We gaan weer terug naar de camping en onderweg bellen we nog even naar Zwaantje. Geen nieuws uit Nederland, prima dus
Op de
camping is een grote groep jongelui aangekomen. Ze zetten hun kamp vlak bij ons
op. Het lijkt wel een groep zoals bij ons 30 jaar geleden, samen zingen met
gitaar begeleiding, allerlei balspelen doen enz. wel heel gezellig.
We maken nog een kleine avondwandeling, gedeeltelijk om het meer. Om 9 uur is het nog 26°C we gaan dus aan het bier. Tsjechië heeft lekker bier, het alcohol percentage is iets minder dan in Nederland. Er zijn wel veel muggen helaas, in voorgaande jaren had Jenny er alleen last van, maar dit jaar ben ik ook aan de beurt.
Donderdag 22 juni 2006
We
hebben lekker lang uitgeslapen tot half negen. Voor mijn gevoel zijn we al een
hele tijd weg. We hebben ook al zoveel gezien en gedaan.
Vandaag zijn we van plan er een rustige dag van te maken. Ook nu weer een lang ontbijt en op ons gemak koffie drinken. We gaan eerst weer naar Terezin, de tocht van gisteren hebben we nog niet helemaal afgemaakt. Het monument aan de rivier (de plek waar de as van de gecremeerde doden in de rivier werd gestrooid) is een sobere gedenksteen. Jenny had al een paar keer gezien dat er in de oude
vestingen van Therezin een Bazaar en antiekzaak zat. Daar even rondgekeken, we
hebben er een bordje voor bij de vakantie-verzameling
op de WC thuis en een pinguin gekocht. Vandaar gaan we weer naar Litomerice een
mooie stad, we bezoeken de dom, maar mogen alleen maar door het hek het
ineterieur van de kerk zien, we maken een behoorlijke wandeling door de stad.
Bij een keramiekwinkel hebben ze ook leuke tegels, dus die kopen we ook nog maar, dan hebben we dit keer twee souveniers in de WC. Ook gaan we nog een keer naar het internetcafé om ons verhaal op de Web-log aan te vullen. Het internet café stroomt vol met jongeren, want Tsjechië moet vandaag spelen in het wereldkampioenschap.
De wedstrijd wordt op de muren geprojecteerd.
In een atelier hebben ze een hele mooie expositie: houten panelen die uitgegutst zijn en later weer ingekleurd. Het stellen boeketten bloemen voor. We zijn allebei onder de indruk. Misschien is het wat om thuis eens uit te proberen.
Het valt ons op dat de mensen hier erg vriendelijk zijn, ze doen alle moeite om ons te begrijpen. Alles is naar onze maatstaven ook erg goedkoop, twee ijsjes met twee bolletjes ieder omgerekend voor € 0,75, 3 kwartier internetten, inclusief twee drankjes voor € 3,--, etc, etc.
In de
electronica winkel zijn de prijzen wel vergelijkbaar met die van ons. Het
gemiddelde inkomen op dit moment is te vergelijken met die van Polen ± € 300,--
per maand. In de taal zitten trouwens ook veel elementen van het Pools, je kunt
merken dat het verwante talen zijn.
Om vijf uur zijn we op de camping terug. We koken een keertje zelf, om de restjes op te maken. Het is de bedoeling dat we morgen weer verder reizen naar Praag. Het weer vandaag is wat lekkerder dan gisteren, half bewolkt en 28°C.
Als de zon onder gaat zien we heel wat dieren, het is hier echt een vogel paradijs. Er komt een haas, een konijn en een egel op bezoek. Ook zien we een mysterieus groen oog in de bosjes, wat dat is weten we niet.
Zoals iedere avond kruipen we redelijk op tijd de slaapzak in. We luisteren eerst naar het nieuws in Nederland via de Wereldomroep en het Europese weerbericht. Leuk om op deze manier op de hoogte te blijven. Als we er de puf nog voor hebben luisteren we ook nog naar “Met het oog op morgen”, maar dat lukt niet iedere dag!
Vandaag zagen we een plaatje van soldaat Svejk. De lotgevallen van de brave soldaat heb ik vroeger op school gelezen, later was er ook een filmserie van die op de televisie kwam.
Vrijdag 23 juni 2006
Om goed acht uur al wakker en op. Om tien uur na het ontbijt en op- en inruimen gaan we weer op weg. Mijn telefoon blijkt het opeens weer te doen, misschien heeft het mailtje geholpen?!
Via
allerlei landweggetjes uiteindelijk toch via de snelweg naar Praag. Onderweg
zien we de koolzaadvelden,
waar
Henk Fokke het over had. In Praag moeten we even zoeken naar de camping. Wij
kijken uit naar bordjes, maar het blijken stickers te zijn die op de
lantaarenpalen zijn geplakt. We willen net gaan vragen waar de camping is, als
we de stickers ontdekken. De camping is dan snel gevonden. Om half twee zijn we
al helemaal geďnstalleerd. De tram is 5 ŕ 10 minuten lopen van de camping.
Binnen het half uur zijn we op het Wenceslasplein, we verkennen de stad wat per voet en met de tram.
Het openbaar vervoer is hier prima en spotgoedkoop. Voor omgerekend € 10,-- kun je per persoon een week rondreizen. De eerste indrukken van Praag zijn al overweldigend, schitterende gebouwen en al ontzettend veel toeristen. We gaan eten in een chinees restaurant. Om goed acht uur zijn we al weer op de camping, omdat de telefoon het weer doet bellen we Maartje & Amber en Oma.